De mensheid heeft zich er eeuwenlang aan gewend om van de werkelijkheid maar een deel te zien

De mensheid heeft zich er eeuwenlang aan gewend om van de werkelijkheid maar een deel te zien. En juist hierdoor zijn langzamerhand de gemoedstoestanden in de mensen voorbereid, die dan geleid hebben tot het tegenwoordige rampzalige leven. De mensen staan zonder inzicht in het leven, staan tegenwoordig in het bestaan zonder het begrijpen van het leven, zoals het voor het huidige stadium van ontwikkeling van de mensheid nodig is.

Bron: Rudolf Steiner – GA 203 – Die Verantwortung des Menschen für die Weltentwickelung – Stuttgart, 6 januari 1921 (bladzijde 33)

Onze waarde voor de wereld

Onze waarde voor de wereld moeten wij geheel zoeken in de handelingen die wij uit liefde verrichten en niet die in welke ons tot volmaaktheid moeten voeren. Wat dat betreft moeten we onszelf niet voor de gek houden.

Bron: Rudolf Steiner – GA 143 – Erfahrungen des Übersinnlichen/Die drei Wege der Seele zu Christus – Die Liebe und ihre Bedeutung in der Welt – Zürich, 17 december 1912 (bladzijde 213-214)

Overgenomen uit het boekje Nervositeit – Wijsheid – Liefde / Vertaling Margreet Meijer-Kouwe / Uitgeverij Vrij Geestesleven  1976 (bladzijde 75)

Eerder geplaatst op 10 november 2015

Komt tot Mij allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven (Matheus 11:28)

Door zorgen onstaat spanning in het fysieke lichaam (Duits: ein Druck auf den physischen Leib). Tot op zekere hoogte moet ieder mens zorgen dragen voor wat voor hem nodig is; maar buiten deze grenzen zijn zorgen een groot euvel, want ze maken het denken onmogelijk, doordat ze de hersenen verdorren, zodat ze in het verdere leven niet in staat zijn nieuwe gedachten op te nemen. […]

c97f84086fd0bbe124f7176888053ed0

Het grootste voorbeeld is Christus, die door allen erkend wordt als de Man der Smarten, de Heiland, op wie wij onze zorgen laden (Duits: abladen) kunnen. Wie dit weet en in Christus wil leven, die kan zich van zijn zorgen bevrijden (Duits: entladen) en zijn fysieke lichaam sterk en gezond maken, zodat ook zijn ziel gezond zal zijn.

Bron: Rudolf Steiner – GA 266a – Aus den Inhalten der esoterischen Stunden – Kassel, 27 juni 1909 (bladzijde 493)

Eerder geplaatst op 24 oktober 2015

Dit is een gedachte waarmee we ons bekend moeten maken

De hedendaagse mensheid is weliswaar overtuigd, dat als een magneetnaald de noord-zuidrichting aanwijst, dus met het ene eind naar het noorden, met het andere naar het zuiden wijst, dit niet vanuit de magneetnaald zelf komt, maar dat de aarde als geheel een kosmische magneet is, waarvan de ene spits naar het Zuiden, de andere naar het Noorden richt, en men zou het als een dwaasheid beschouwen, als iemand zou beweren, dat deze richting alleen door krachten, die in de magneetnaald zelf liggen, wordt veroorzaakt.

Als het echter gaat om wat zich als kiem in een dierlijk of menselijk wezen ontwikkelt, verwerpt alle wetenschap en al het denken de kosmische inwerking. Wat men bij de magnetische naald een dwaasheid zou noemen, neemt men wel aan als, bijvoorbeeld, in een kip zich een ei vormt. Maar als zich in een kip een ei vormt, is feitelijk de gehele kosmos daarbij betrokken; hier op aarde gebeuren alleen de opwekkingen (Duits: Anregungen) daartoe.

Alles wat zich in het ei vormt, is een afdruk van kosmische krachten, en de kip zelf – zo is het ook bij mensen – is alleen een plaats waarin de kosmos, het hele wereldsysteem dat werk ontwikkelt. Dit is een gedachte waarmee we ons vertrouwd moeten maken. En aan dit hele systeem van krachten dat de kosmos doortrekt, werkt de mens tussen de dood en een nieuwe geboorte in gemeenschap met hogere wezens, met wezens van de hogere hiërarchieën. Men werkt voortdurend tussen de dood en een nieuwe geboorte: men is niet werkeloos, daar werkt men geestelijk (Duits: im Geistigen).

Bron: Rudolf Steiner – GA 182 – Der Tod als Lebenswandlung – Neurenberg, 10 februari 1918 (bladzijde 39)

Zie ook 12 augustus 2012 en 13 augustus 2012

Eerder geplaatst op 2 november 2015

Belangrijke taak

Steeds opnieuw kunnen we ons voor de geest halen (Duits: vor die Seele führen), hoe noodzakelijk het is om te ervaren, te voelen, dat het handjevol mensen dat vandaag de dag midden in de materialistische wereld leeft en dat door zijn karma geleid wordt naar het bevatten van de belangrijkste mensheidstaak voor de toekomst, dat deze kleine groep mensen door hun zielenleven belangrijke, zeer belangrijke dingen te volbrengen hebben. Zonder hoogmoedig te zijn, moeten we inzien, in alle deemoed en bescheidenheid, hoe groot het verschil is tussen een ziel, die zich langzamerhand inleeft (Duits: hineinfindet) in de geestelijke wereld en alle er buitenstaande mensen, die in de huidige tijd geen idee hebben, maar vooral geen idee willen hebben van geestelijke zaken. Het moet voor ons niet alleen een deerlijk pijnlijk gevoel zijn, maar het moet voor ons een gevoel worden, dat ons aanspoort altijd verder en verder te werken, en trouw te werken in de stroming van de geesteswetenschap, waarheen we door ons karma, ons lot gevoerd zijn.

Bron: Rudolf Steiner- GA 168 – Die Verbindung zwischen Lebenden und Toten – Leipzig, 22 februari 1916 (bladzijde 89)

Eerder geplaatst op 16 oktober 2015