Vijandigheden en weerleggingen

Ik wil nog eens benadrukken dat het volstrekt niet genoeg is om op de manier waarop het zeer vaak gebeurd is, als er hier en daar vijandigheden tegen ons optreden – ik heb dat eergisteren hier al gezegd -, om deze vijandigheden alleen maar te weerleggen. Zulke weerleggingen die men weliswaar soms vanuit een zekere noodzaak moet maken, hebben helemaal geen nut, ze helpen werkelijk niets, want men heeft in de huidige tijd bij bepaalde categorieën of groepen van mensen die in het geestelijke of overige leven werken, niet te maken met mensen voor wie een weerlegging of een verdediging er iets toe doet, voor wie het op een of andere manier op een verdediging aankomt, maar men heeft te maken met mensen voor wie er niets aan gelegen is om de waarheid te verspreiden, maar voor wie het erop aankomt onwaarheden te verspreiden.

Bron: Rudolf Steiner – GA 203 – Die Verantwortung des Menschen für die Weltentwickelung – Dornach, 8 februari 1921 (bladzijde 207)

Eerder geplaatst op 20 december 2016

Advertenties

Gemakkelijker gezegd dan gedaan

Het wordt vaak op een enigszins ondoordachte manier benadrukt, dat de mens alleen maar zichzelf hoeft te kennen, te proberen een goed mens te zijn, dan is hij eigenlijk al antroposofisch genoeg. Ja, juist dit geeft ons een diepere kennis, dat het een van de allermoeilijkste dingen in de wereld is om een goed mens te zijn, en dat niets zo zeer voorbereiding nodig heeft als juist dit ideaal, een goed mens te zijn.

Bron: Rudolf Steiner – GA 130 – Das esoterische Christentum und die geistige Führung der Menschheit – Wenen, 8 februari 1912 (bladzijde 245)

Vergelijking

We kunnen in zekere zin dit zich inleven van de mens in een andere wereld schetsen of vergelijken met de vis die uit het water in de lucht wordt verplaatst, die zich echter daarvoor eerst voorbereid heeft, doordat hij zijn kieuwen in longen omgezet heeft. We kunnen daarmee vergelijken het overgaan van een mens van de zintuiglijke waarneming in de geestelijke waarneming, doordat de ziel zich vaardig heeft gemaakt om bepaalde krachten in een ander element te gebruiken.

Bron: Rudolf Steiner – GA 124 – Exkurse in das Gebiet des Markus-Evangeliums – Berlijn, 13 maart 1911 (bladzijde 186)

Eerder geplaatst op 15 december 2016

Lijden/Krachten

Ten opzichte van wat we op aarde aan pijn, aan lijden beleven, zien we op het geestelijke plan dat de op het fysieke plan doorstane smarten en gedragen leed verder werken en op het geestelijke plan onze ziel zo doordringen met krachten, dat deze krachten wilskrachten worden. Dat we daardoor in de ziel sterker worden en de mogelijkheid hebben deze sterkte in morele kracht om te zetten, die we dan op het fysieke niveau meebrengen kunnen, om niet alleen bepaalde vaardigheden te hebben, waarmee we iets waardevols creëren kunnen voor de omgeving, maar om ook de morele kracht te hebben om met deze vaardigheden karaktervol te handelen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 153 – Inneres Wesen des Menschen und Leben zwischen Tod und neuer Geburt – Wenen, 14 april 1914 (bladzijde 166)

Eerder geplaatst op 14 december 2016

Het oog is gevormd door het licht voor het licht

Hoe bekend zijn voor de negentiende eeuwse wereldbeschouwer de woorden van Schopenhauer: ‘De wereld is mijn voorstelling’, ‘Geen kleuren, geen licht zonder oog’. – Goethe zet hier zeer logisch tegenover: ‘Zeker, zonder oog is geen licht waar te nemen; zeker, als de ogen er niet zouden zijn, dan zou de wereld duister en stom (?- Duits: stumm) zijn!’

Ik heb vaker, zelfs in openbare voordrachten, op dit gezichtspunt van de negentiende eeuw opmerkzaam gemaakt. Maar Goethe zet hier het omgekeerde tegenover: ‘Zonder licht geen oog, want het licht heeft het oog gevormd voor het licht.’ Uit onbestemde organen, zegt Goethe, heeft het licht het oog geschapen (Duits: hervorgezaubert)!

Bron: Rudolf Steiner – GA 175 – Bausteine zu einer Erkenntnis des Mysteriums von Golgatha – Berlijn, 14 april 1917 (bladzijde 259)