De materiële wereld is de uitdrukking van een stoffelijk gestalte gegeven wijsheid, de goddelijke wijsheid

Beschouwen wij de wonderbaarlijke structuur van een dijbeen, het been dat het gehele lichaam ondersteunt en waarvan de oppervlakten zodanig met elkaar verbonden zijn, dat met de kleinst mogelijke stofmassa de grootst mogelijke stevigheid wordt bereikt. Geen ingenieur zou zo’n wonder voor elkaar kunnen krijgen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 94 – Kosmogonie -Parijs, 28 mei 1906 (bladzijde 35)

dijbeen21

Eerder geplaatst op 17 september 2013

 

 

Boeddha / Christus

Het is nu 1900 en nog eens 500 jaar geleden, dat de grote Boeddha op aarde leefde. De occulte feiten leren ons, dat het nog wel 3000 jaar zal duren, voordat de mensen in grotere getale zo ver gekomen zijn, dat ze uit eigen morele overtuiging, uit eigen hart en ziel het achtvoudige pad, de wijsheidsleer van Boeddha, in zich ten volle kunnen ontwikkelen. De Boeddha moest eerst er zijn en vandaar ging de kracht uit, die de mensen tot ontwikkeling van de wijsheid van het achtvoudige pad zal voeren; dan is het hun geestelijk eigendom geworden – dit duurt dus nog ongeveer 3000 jaar. De mensen zullen zelf op deze leer komen; ze zullen deze niet van buitenaf hoeven op te nemen. Ze kunnen dan zeggen, dat dit achtvoudige pad uit hen zelf te voorschijn komt als de leer van medelijden en liefde.

Als er niets verder gebeurd zou zijn, dan dat Boeddha “het rad der gerechtigheid” had laten rollen, dan zou de mensheid na 3000 jaar ook wel zo ver gekomen zijn, dat ze zelf die leer van medelijden en liefde “kende”; maar het is heel wat anders, ook de kracht te hebben ontvangen om er naar te leven. Dat is het onderscheid: niet alleen maar weten van het bestaan van medelijden en liefde, maar ook dat medelijden en die liefde te ontwikkelen onder leiding van een persoonlijkheid. Dit ging van de Christus uit – Hij goot om zo te zeggen de mensen de liefde in en deze zal geleidelijk groeien. Als de mensen nu aan het einde van hun ontwikkeling gekomen zullen zijn, dan zullen ze als wijsheid bezitten: de inhoud van de leer van medelijden en liefde. Dat hebben ze dan aan Boeddha te danken. Maar tevens zullen ze de liefde vanuit hun Ik naar de mensen kunnen doen uitstromen en dát zal de mensheid aan de Christus te danken hebben.

Bron: Rudolf Steiner – GA 114 – Das Lukas-Evangelium – Bazel, 25 september 1909

Nederlands Het Lukas Evangelie – vertaling A. Goedheer-de Keizer (blz.197-198)

buddha-and-jesus

Eerder geplaatst op 25 december 2013  (3 reacties)

Immoraliteit / Waarheid

Niemand die de gevolgen van immoraliteit werkelijk kent, kan in waarheid immoreel zijn. De reële werkingen van de oorzaken moet men leren. Reeds de kinderen moet men daar op wijzen. Het immorele bestaat alleen maar omdat de mensen geen inzicht hebben, ze weten het niet. Slechts de duisternis van de onwaarheid maakt het immorele mogelijk.

Wat zo gezegd kan worden over de samenhang tussen immoraliteit en onwetendheid mag evenwel geen verstandsweten zijn, het moet wijsheid worden. Het weten alleen doet mee met on-moraal, kan zelfs, als het geraffineerde slimheid wordt, ontaarden tot schurkenstreken, terwijl wijsheid zo zal werken op de menselijke ziel dat van de ziel dan de waarheid, innerlijke moraliteit afstraalt.

Zo zien we dus dat het volstrekt ongegrond is wanneer de mensen die de antroposofie niet echt kennen, zeggen dat ze geen morele impulsen bevat. Antroposofie toont ons wat we in de wereld aanrichten wanneer we immoreel handelen, zij geeft wijsheid waar de moraliteit vanaf straalt.

Bron: Rudolf Steiner – GA 127 –  Die Mission der neuen Geistesoffenbarung – Bielefeld, 6 maart 1911  

rudolfsteinerlecture2011_13-2013_08_19-08_19_05-utc

Schilderij David Newbatt

Wijsheid

Wanneer de mens wijsheid nodig heeft om de dingen te begrijpen, dus wijsheid uit de dingen te voorschijn haalt, dan toont dit aan dat in de dingen wijsheid zit. Want al zou de mens nog zo zijn best doen om met van wijsheid vervulde ideeën de dingen te begrijpen: hij zou geen wijsheid uit de dingen kunnen halen als die er niet eerst in was gelegd. Wie met behulp van wijsheid dingen wil doorgronden waarvan hij niet gelooft dat ze die wijsheid eerst hebben ontvangen, kan evengoed geloven dat hij water uit een glas kan drinken zonder dat het er eerst in is gegoten.

Bron: Rudolf Steiner – GA 13 – DIE GEHEIMWISSENSCHAFT IM UMRISS (Seite 214)

Nederlandstalige bron: De wetenschap van de geheimen der ziel / De kosmische ontwikkeling en de mens (blz. 150)

Vertaald door Wijnand Mees

Rudolf Steiner / Werken en voordrachten

© 1998 Stichting Rudolf Steiner Vertalingen

523x840

Eerder geplaatst op 17 maart 2018  (1 reactie)

Pijn / Verdriet / Wijsheid

De grootste wijsheid wordt verkregen door het geduldig verdragen van pijn en verdriet. Het schenkt wijsheid in een volgende incarnatie. Wie bang is voor het leven en vlucht voor gevoelens van pijn en verdriet omdat hij deze niet kan verdragen, is niet in staat de grondslag te leggen voor wijsheid.

Bron: Rudolf Steiner – GA 99 – Die Theosophie des Rosenkreuzers – München, 30 mei 1907 (bladzijde 67-68)

Vertaling: Gerrit Zunneberg, overgenomen uit De theosofie van de Rozenkruisers

2c15d2f7-9011-44ce-a312-ea995f4f0c1e

Eerder geplaatst  op 6 maart 2018  (1 reactie)