Moet men zich van alle kritiek onthouden? (2 van 5)

Ten eerste is hierop te zeggen, dat de gedragsregels voor de leerling der geestelijke scholing eisen zijn, die overeenstemmen met strenge wetten. En ze zeggen als zodanig alleen iets over de samenhang tussen de vervulling van een overeenkomende eis en het opwaarts stijgen van de leerling. U zult zich van kritiek onthouden, betekent: zoveel als je in gevallen, waarbij de gebeurtenissen tot een berisping, een veroordeling prikkelen, deze prikkel niet volgt, maar zonder alle kritiek aan de verbetering van het schadelijke, slechte enz. werkt, in dezelfde mate kom je vooruit. Onthouding van kritiek betekent volstrekt niet, dat men onverschillig aan het slechte, verkeerde enz. voorbijgaat en alles laat zoals het is. Men moet alleen proberen het slechte in dezelfde mate vanuit zijn oorzaken te begrijpen, zoals men het goede begrijpt. Door het begrijpen van de oorzaken zal men zich zelfs het beste toerusten voor het werken aan de verbetering.

Wordt vervolgd

Bron: Rudolf Steiner – GA 34 –  GRUNDLEGENDE AUFSÄTZE ZUR ANTHROPOSOPHIE UND BERICHTE aus den Zeitschriften «Luzifer» und «Lucifer – Gnosis» –  juni 1905 (bladzijde 389)

Eerder geplaatst op 13 juni 2018

Verbetering door herhaalde aardelevens

Overweeg eens wat de mens allemaal denkt! Zou het niet de meest vreselijke gedachte zijn die je je kunt voorstellen als je jezelf zou moeten zeggen dat alle menselijke gedachten objectief in de wereldmaterie ingeschreven zijn en daar aldus voor eeuwig zouden zijn? Dit zou echter gebeuren als de mens niet, doordat hij herhaalde aardelevens doormaakt, in staat zou zijn de gedachten die niet zouden moeten blijven, weer te verbeteren, hetzij door het corrigeren of door het geheel uitroeien, en ze te vervangen door andere gedachten, enzovoort.

Dat is iets wat de evolutie door de verschillende aardse levens verwezenlijkt: dat de mens in staat is om werkelijk te verbeteren wat hij bij elke dood in de kosmos (Duits: Weltensubstantialität) inschrijft, en dat hij kan nastreven dat van hem uit, wanneer hij door de laatste aardse incarnatie zal zijn gegaan, alleen datgene aan de etherische wereldsubstantie in de wereld overgegeven wordt, dat nu werkelijk kan blijven bestaan.

Bron: Rudolf Steiner – GA 170 – Das Rätsel des Menschen / Die geistigen Hintergründe der menschlichen Geschichte – Dornach, 27 augustus 1916 (bladzijde 208)

Eerder geplaatst op 22 juni 2018

Portrait_von_Rudolf_Steiner_1892_von_Otto_Fröhlich_in_Weimar_gemalt

Dit gevoel is de hoofdzaak

Wat is het beste dat we kunnen winnen door onze spirituele verdieping? Men zou zich kunnen voorstellen dat er onder u een mensenziel zou zijn, die na een voordracht de deur uitgaat en dan tegen zichzelf zou zeggen: Nu ben ik eigenlijk alles van a tot z vergeten. Dat zou een extreem geval zijn, het zou het meest radicale geval zijn. Dat, mijn beste vrienden, zou nog niet eens de grootste schade zijn. Want ik zou me goed kunnen voorstellen, dat zo iemand desondanks een gevoel, een gemoedsaandoening meedraagt, dat het resultaat is van wat hij hier gehoord heeft, hoewel hij dan ook alles vergeten is.

En dit gevoel is de hoofdzaak. Wat wij in ons gemoed beleven, dat is het belangrijkste. […] Wanneer alles wat spirituele kennis kan zijn, aan de verbetering van onze ziel bijdraagt, dan hebben we het juiste gewonnen. En zelfs als door het op de juiste wijze opnemen van de geesteswetenschap, de mens vaardig wordt om slechts iets meer van zijn medemensen te begrijpen, dan heeft zij haar werk gedaan. Want geesteswetenschap is leven, rechtstreeks leven (Duits: unmittelbares Leben). Weerlegd of bewezen wordt ze niet door logische discussies. Zij wordt door het leven bewezen en op waarde geschat. En ze zal zich vestigen (Duits: sich bewähren) doordat ze mensen vinden kan bij wie ze tot de zielen toegang vindt.

Bron: Rudolf Steiner – GA 140 – Okkulte Untersuchungen über das Leben zwischen Tod und neuer Geburt – Hannover, 18 november 1912 (bladzijde 59)

Eerder geplaatst op 22 december 2016   (3 reacties)

Verbetering door herhaalde aardelevens

Overweeg eens wat de mens allemaal denkt! Zou het niet de meest vreselijke gedachte zijn die je je kunt voorstellen als je jezelf zou moeten zeggen dat alle menselijke gedachten objectief in de wereldmaterie ingeschreven zijn en daar aldus voor eeuwig zouden zijn? Dit zou echter gebeuren als de mens niet, doordat hij herhaalde aardelevens doormaakt, in staat zou zijn de gedachten die niet zouden moeten blijven, weer te verbeteren, hetzij door het corrigeren of door het geheel uitroeien, en ze te vervangen door andere gedachten, enzovoort. Dat is iets wat de evolutie door de verschillende aardse levens verwezenlijkt: dat de mens in staat is om werkelijk te verbeteren wat hij bij elke dood in de kosmos (Duits: Weltensubstantialität) inschrijft, en dat hij kan nastreven dat van hem uit, wanneer hij door de laatste aardse incarnatie zal zijn gegaan, alleen datgene aan de etherische wereldsubstantie in de wereld overgegeven wordt, wat nu werkelijk kan blijven bestaan.

Bron: Rudolf Steiner – GA 170 – Das Rätsel des Menschen/Die geistigen Hintergründe der menschlichen Geschichte – Dornach, 27 augustus 1916 (bladzijde 208)

Moet men zich van alle kritiek onthouden? (2 van 5)

Ten eerste is hierop te zeggen, dat de gedragsregels voor de leerling der geestelijke scholing eisen zijn, die overeenstemmen met strenge wetten. En ze zeggen als zodanig alleen iets over de samenhang tussen de vervulling van een overeenkomende eis en het opwaarts stijgen van de leerling. U zult zich van kritiek onthouden, betekent: zoveel als je in gevallen, waarbij de gebeurtenissen tot een berisping, een veroordeling prikkelen, deze prikkel niet volgt, maar zonder alle kritiek aan de verbetering van het schadelijke, slechte enz. werkt, in dezelfde mate kom je vooruit. Onthouding van kritiek betekent volstrekt niet, dat men onverschillig aan het slechte, verkeerde enz. voorbijgaat en alles laat zoals het is. Men moet alleen proberen het slechte in dezelfde mate vanuit zijn oorzaken te begrijpen, zoals men het goede begrijpt. Door het begrijpen van de oorzaken zal men zich zelfs het beste toerusten voor het werken aan de verbetering.

Wordt vervolgd

Bron: Rudolf Steiner – GA 034 –  GRUNDLEGENDE AUFSÄTZE ZUR ANTHROPOSOPHIE UND BERICHTE aus den Zeitschriften «Luzifer» und «Lucifer – Gnosis» –  juni 1905 (bladzijde 389)

Eerder geplaatst op 21 april 2013