Grenzen van de menselijke kennis (1 van 2) – Sprookjes, twijfel, onverschilligheid

Voor de weg die aangeduid wordt als het pad van hoger inzicht moet noodzakelijkerwijs bij velen het begrip maar zeer gering zijn. Want hier tegen komt alles in het geweer door wat er tegenwoordig aan sprookjes verteld wordt over “noodzakelijke grenzen” van de menselijke kennis. Men praat veel over ontwikkeling, maar als iemand zegt dat de kenvermogens welke de mens op zijn huidige standpunt heeft, geen afsluiting zijn, maar dat zij bewust verder ontwikkeld kunnen worden, dan ondervindt zo’n uitspraak ofwel volkomen twijfel of onverschilligheid. Men probeert steeds weer te bepalen, wat de mens naar gelang zijn vermogens in staat is te weten; dat hij door verhoging van zijn vermogens in staat is in nieuwe werelden door te dringen, dat willen velen niet toegeven.

Wordt vervolgd

Bron: Rudolf Steiner – GA 034 –  GRUNDLEGENDE AUFSÄTZE ZUR ANTHROPOSOPHIE UND BERICHTE aus den Zeitschriften «Luzifer» und «Lucifer – Gnosis»  (bladzijde 295)

Eerder geplaatst op 19 februari 2016

Twijfel/Waarheid/Dwaling

Als u soms ook twijfel zou kunnen overvallen bij de gedachte: Er is wel een sterk licht aanwezig, maar ook een grote kans op vergissingen, hoe zal jij zwakke mens daarin de goede weg vinden? Hoe zul je kunnen onderscheiden, wat van de waarheid stamt en wat dwaling is? – Als zulk een gedachte in u opstijgt (Duits: in der Brust aufsteigt), kunt u versterking en kracht voelen door het devies: De waarheid zal het zijn dat de hoogste impuls voor de mensheidsontwikkeling zal geven, en de waarheid zal mij nader staan dan mijzelf. Stel ik mij zo in op waarheid en vergis ik mij hier in deze incarnatie, dan zal de waarheid de kracht hebben mij tot zich te trekken in de volgende incarnatie. Als ik mij eerlijk vergis in deze incarnatie, zal zich deze dwaling compenseren in de volgende. Het is beter zich eerlijk te vergissen dan oneerlijk dogma’s aan te hangen. En het woord zal voor ons oplichten: Niet door onze wil, wel echter door de goddelijke kracht van de waarheid zelf zal deze waarheid zegevieren.

Bron: Rudolf Steiner – GA 127 – Die Mission der neuen Geistesoffenbarung – Kopenhagen 5 juni 1911 (bladzijde 180)

Eerder geplaatst op 25 augustus 2013 

Grenzen van de menselijke kennis (1 van 2) – Sprookjes, twijfel, onverschilligheid

Voor de weg die aangeduid wordt als het pad van hoger inzicht moet noodzakelijkerwijs bij velen het begrip maar zeer gering zijn. Want hier tegen komt alles in het geweer door wat er tegenwoordig aan sprookjes verteld wordt over “noodzakelijke grenzen” van de menselijke kennis. Men praat veel over ontwikkeling, maar als iemand zegt dat de kenvermogens welke de mens op zijn huidige standpunt heeft, geen afsluiting zijn, maar dat zij bewust verder ontwikkeld kunnen worden, dan ondervindt zo’n uitspraak ofwel volkomen twijfel of onverschilligheid. Men probeert steeds weer te bepalen, wat de mens naar gelang zijn vermogens in staat is te weten; dat hij door verhoging van zijn vermogens in staat is in nieuwe werelden door te dringen, dat willen velen niet toegeven.

Wordt vervolgd

Bron: Rudolf Steiner – GA 034 –  GRUNDLEGENDE AUFSÄTZE ZUR ANTHROPOSOPHIE UND BERICHTE aus den Zeitschriften «Luzifer» und «Lucifer – Gnosis»  (bladzijde 295)

Eerder geplaatst op 25 oktober 2011

Er zijn in de geestelijke wereld wezens voor wie angst en vrees een welkom voedsel zijn

Er zijn in de geestelijke wereld wezens voor wie angst en vrees, die van de mensen uitgaan, als een welkom voedsel zijn. Heeft de mens geen angst en vrees, dan hebben deze wezens honger. Wie hier nog niet diep van is doordrongen, zou dit als een vergelijking kunnen nemen. Maar wie de zaak kent, weet dat het een realiteit is. Gaat er van de mens vrees en angst en paniek uit, dan vinden deze wezens een welkome voeding en ze worden machtiger en machtiger. Het zijn de mensen vijandige wezens. Alles wat zich voedt met negatieve gevoelens, met angst, vrees en bijgeloof, met wanhoop, met twijfel, dat zijn in de bovenzinnelijke wereld mensen vijandige machten, die wreedaardige aanvallen op hen uitvoeren als ze gevoed worden. Daarom is het vóór alles noodzakelijk dat de mens, die de geestelijke wereld binnen gaat, zich eerst sterk maakt tegen vrees, hopeloosheid, vertwijfeling en angst. Dat zijn echter nu juist gevoelens, die echt hedendaagse cultuurgevoelens zijn, en het materialisme is, omdat het de mensen afvoert van de spirituele wereld, zeer geschikt om door hopeloosheid en vrees voor het onbekende deze aan de mensen vijandige machten tegen hen op te roepen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 56 – Die Erkenntnis der Seele und des Geistes – Berlijn, 12 december 1907 (bladzijde 145)

Eerder geplaatst op 25 februari 2012.

Twijfel/Waarheid/Dwaling

Als u soms ook twijfel zou kunnen overvallen bij de gedachte: Er is wel een sterk licht aanwezig, maar ook een grote kans op vergissingen, hoe zal jij zwakke mens daarin de goede weg vinden? Hoe zul je kunnen onderscheiden, wat van de waarheid stamt en wat dwaling is? – Als zulk een gedachte in u opstijgt (Duits: in der Brust aufsteigt), kunt u versterking en kracht voelen door het devies: De waarheid zal het zijn dat de hoogste impuls voor de mensheidsontwikkeling zal geven, en de waarheid zal mij nader staan dan mijzelf. Stel ik mij zo in op waarheid en vergis ik mij hier in deze incarnatie, dan zal de waarheid de kracht hebben mij tot zich te trekken in de volgende incarnatie. Als ik mij eerlijk vergis in deze incarnatie, zal zich deze dwaling compenseren in de volgende. Het is beter zich eerlijk te vergissen dan oneerlijk dogma’s aan te hangen. En het woord zal voor ons oplichten: Niet door onze wil, wel echter door de goddelijke kracht van de waarheid zelf zal deze waarheid zegevieren.

Bron: Rudolf Steiner – GA 127 – Die Mission der neuen Geistesoffenbarung – Kopenhagen, 5 juni 1911 (bladzijde 180)