Strijden over meningen

Tegenwoordig vliegen de mensen elkaar nog vaak in de haren over meningen. Maar daar zal men eens mee op moeten houden, eenvoudigweg omdat ieder zijn eigen mening moet hebben.
Wanneer een boom van verschillende kanten wordt gefotografeerd, is het nog steeds dezelfde boom, maar de foto’s zien er heel verschillend uit; zo kan ook ieder mens zijn eigen mening hebben -afhankelijk van het standpunt waarop hij zich plaatst.
Wanneer hij een verstandig mens is, zal hij niet meer over meningen strijden. Hij zal echter sommige meningen gezond, en andere meningen ziek vinden. Maar over meningen strijden, dat doet de mens niet meer. Het is alsof men verschillende foto’s bekijkt en dan opmerkt: die foto’s zijn heel verschillend, deze zijn goed en die andere zijn mislukt.
–Het kan hooguit interessant zijn hoe een mens tot zijn mening komt: of een mening geestrijk tot stand komt, of dwaas, of een mening laag bij de grond is en onvruchtbaar of hoogstaand en voor de mensheid iets betekenen kan – dat kan een mens interesseren.

Bron: Rudolf Steiner – GA 337b – Soziale Ideen/Soziale Wirklichkeit/Soziale Praxis – Dornach, 16 augustus 1920 (bladzijde 62-63)

Overgenomen van de website van Renée Zeylmans – Vertaling John Hogervorst (deze website kon ik niet meer terugvinden)

Eerder geplaatst op 5 juli 2017 (9 reacties)

Meningen-578x387

Hoe oppervlakkiger men denkt, hoe beter men kan bewijzen

Men kan vandaag de dag, als men zo slim is als bepaalde linkse socialisten, het Marxisme klip en klaar bewijzen, en men kan even klip en klaar, als men een ander standpunt wil innemen, bewijzen dat het Marxisme complete onzin is. Men kan tegenwoordig gewoon zeer, zeer goed bewijzen; dat zou men duidelijk moeten inzien.

Deze scholing om te kunnen bewijzen wordt tegenwoordig de kinderen al ingeprent. Maar daarin ligt juist iets buitengewoon treurigs in onze tijd, dat men alles zo klip en klaar, zo streng bewijzen kan en daardoor zo gemakkelijk overtuigd zijn kan van een zaak. Want van alle manieren om van een zaak overtuigd te raken, is de gemakkelijkste de huidige manier om deze zaak te bewijzen. Er bestaat geen gemakkelijkere manier om zich tegenwoordig een overtuiging te verwerven dan deze overtuiging te bewijzen. Juist door dit bewijzen-kunnen hebben de mensen totaal een gevoel, een juist gevoel ervoor verloren, dat overtuigingen in het leven bevochten en verworven moeten worden, dat overwinningen nodig zijn, als werkelijk een overtuiging in de ziel terrein moet winnen.

Waaruit komt dit feit voort, dit zo diep in ons hele leven ingrijpende feit, dat we zo heel gemakkelijk kunnen bewijzen? Het komt voort uit uit het feit dat we met onze gedachten gewend zijn zo sterk alleen aan de oppervlakte te denken. De mensen blijven met hun denken tegenwoordig aan de oppervlakte van de dingen, doen geen moeite om zeer diep in de dingen door te dringen. En hoe oppervlakkiger men denkt, hoe beter men kan bewijzen. Dat is bijzonder belangrijk om in te zien. Hoe dunner de begrippen zijn – en aan de oppervlakte van de dingen zijn alle begrippen dun en abstract -, hoe beter schijnen deze begrippen argumenten te geven voor wat men vanuit geheel andere ondergronden, uit zeer onbewuste ondergronden geloven en aannemen wil, vanuit gevoelens, vanuit wilsrichtingen en dergelijke geloven en aannemen wil.

Bron: Rudolf Steiner – GA 191 – Soziales Verständnis aus geisteswissenschaftlicher Erkenntnis – Dornach, 18 oktober 1919 (bladzijde 147-148)

Zie ook: Waarheid en intellect

Eerder geplaatst op 5 februari 2017

Strijden over meningen

Tegenwoordig vliegen de mensen elkaar nog vaak in de haren over meningen. Maar daar zal men eens mee op moeten houden, eenvoudigweg omdat ieder zijn eigen mening moet hebben.

Wanneer een boom van verschillende kanten wordt gefotografeerd, is het nog steeds dezelfde boom, maar de foto’s zien er heel verschillend uit; zo kan ook ieder mens zijn eigen mening hebben -afhankelijk van het standpunt waarop hij zich plaatst.

Wanneer hij een verstandig mens is, zal hij niet meer over meningen strijden. Hij zal echter sommige meningen gezond, en andere meningen ziek vinden. Maar over meningen strijden, dat doet de mens niet meer. Het is alsof men verschillende foto’s bekijkt en dan opmerkt: die foto’s zijn heel verschillend, deze zijn goed en die andere zijn mislukt.

–Het kan hooguit interessant zijn hoe een mens tot zijn mening komt: of een mening geestrijk tot stand komt, of dwaas, of een mening laag bij de grond is en onvruchtbaar of hoogstaand en voor de mensheid iets betekenen kan – dat kan een mens interesseren.

Bron: Rudolf Steiner – GA 337b – Soziale Ideen/Soziale Wirklichkeit/Soziale Praxis – Dornach, 16 augustus 1920 (bladzijde 62-63)

Overgenomen van de website van Renée Zeylmans – vertaling John Hogervorst

Meningen en waarheid

Steeds weer kan men beluisteren: dit is mijn standpunt, ik denk dit of dat. – Alsof het er iets toe doet, wat de één of de ander denkt! Het komt er immers veel meer op aan, wat de waarheid is!

Bron: Rudolf Steiner – GA 145 – Welche Bedeutung hat die okkulte Entwicklung des Menschen für seine Hüllen und sein Selbst? – Den Haag, 29 maart 1913 (bladzijde 176-177)

Overgenomen uit het boek: Innerlijke ontwikkeling door antroposofie (bladzijde 165) Vertaling: H. van Boetzelaer-Mazel/Ir. H. de Brey/A. van der Laan-Schepers

Eerder geplaatst op 28 juni 2011

Ieder heeft een mening, ook al heeft men nergens verstand van…

Dat iedereen vandaag de dag over al het mogelijke, wat wereld- en levensbeschouwing betreft, zonder meer kan oordelen, dat geldt als vanzelfsprekend; want een ieder heeft zijn standpunt. En men beleeft het steeds maar weer en weer, dat het niet uitmaakt of men met alle middelen van innerlijke arbeid ertoe gekomen is iets te kennen en te doorgronden in de wereld. Het geldt tegenwoordig als vanzelfsprekend dat de mening van degene, die zich eenvoudig heeft voorgenomen ook een mening te hebben, even gerechtvaardigd is als de mening van degene, die lang gewerkt heeft om zelfs maar een beetje over de wereldgeheimen te kunnen zeggen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 143 – Erfahrungen des Übersinnlichen/Die drei Wege der Seele zu Christus – München, 25 februari 1912 (bladzijde 97)

Eerder geplaatst op 4 september 2012