Spreken

Als men terugkijkt naar de tijd die voorafging aan de tijd van de laatste vier eeuwen, dan stond de mens niet alleen tegenover zijn omgeving anders dan tegenwoordig, maar hij stond ook in een heel andere relatie tegenover iets wat zich in hemzelf manifesteert: hij stond in een andere verhouding tot zijn spraak, tot zijn spreken.In de spraak hebben we echt niet alleen dat wat de moderne materialistische wetenschap gelooft, maar we hebben in de spraak iets wat in veel gevallen verband houdt met de niet volledig bewuste menselijke ervaring, met wat zich vaak afspeelt in het onderbewustzijn van de mens, en daarom ook is doordrongen van spirituele wezens.

Spirituele wezens leven in het spreken van de mens, werken in hem, en wanneer de mens woorden vormt, dringen elementaire spirituele wezens binnen in zijn woorden. Op de vleugels van woorden vliegen spirituele wezens door de ruimtes waarin mensen met elkaar praten. Daarom is het zo belangrijk om aandacht te schenken aan bepaalde intimiteiten van de spraak, en dat men zich niet eenvoudigweg overgeeft aan de willekeur van het passionele leven wanneer men spreekt.

Bron: Rudolf Steiner – GA 275 – Kunst im Lichte der Mysterienweisheit – Dornach, 28 december 1914 (bladzijde 32)

Eerder geplaatst op 21 maart 2019  (7 reacties)

161337967_1103627563384655_8623659106061746251_n

Geplaatst bij Steiner citaten Engels 20 maart 2019 en 22 augustus 2021, Nederlands 21 maart 2019

https://ridzerdvandijk.wordpress.com/2019/03/21/   (17 reacties)

Oogkleppen

Er is een zeer, zeer te goeder trouw zijnde, waarschijnlijk ook volkomen van de waarheid van wat hij beweert, absoluut doordrongen man, die over de religieuze opvoeding van kinderen geschreven heeft in de eerste, in het voorjaar verschenen vrijdenkerskalender. Hij heeft de volgende logica ontwikkeld. Hij zegt: Men moet de kinderen niet godsdienstig opvoeden, want het is onnatuurlijk. Als men namelijk de kinderen opgroeien laat, zonder dat men hen religieuze begrippen en ideeën bijbrengt, zonder dat men hen religieuze gevoelens bijbrengt (Duits: einimpft), dan ziet men dat ze er vanzelf niet opkomen; daarmee zou aangetoond zijn dat het onnatuurlijk is om de mensenziel zulke begrippen en ideeën op te dringen, omdat ze slechts van buitenaf ingeprent zijn. 

Het is zeer zeker dat degenen die zich tegenwoordig vrijdenker noemen, met enthousiasme zo’n gedachte opnemen en hem zelfs diepzinnig vinden; men hoeft slechts het volgende te overwegen: Het is algemeen bekend dat een mensenkind, dat vóór het spreken geleerd heeft, zou worden verplaatst naar een onbewoond eiland, als het daar opgroeien moet, zonder dat het een menselijk geluid hoort, nooit zou leren spreken! Daaruit blijkt dat het spreken zich bij de mens niet vanzelf vormt, als het hem niet van buitenaf bereikt. De goede vrijdenkende preker zou ook zijn aanhangers moeten verbieden de mensenkinderen het spreken te leren, omdat ze hun spreken niet uit zichzelf ontwikkelen. We zien dus dat iets wat heel logisch lijkt en wat soms een zeer brede gemeenschap als diepzinnig opvat, niets anders is dan een logische onzin; want op het moment dat men daarover nadenkt, blijkt het meteen logisch heel krakkemikkig. Hier hebben we een mens die met oogkleppen behept is. Zulke voorbeelden vinden we om de haverklap in het leven vandaag de dag.

Bron: Rudolf Steiner – GA 140 – Okkulte Untersuchungen über das Leben zwischen Tod und neuer Geburt – München, 10 maart 1913 (bladzijde 253)

Eerder geplaatst op 16 april 2015   (4 reacties)

Spreken

Als men terugkijkt naar de tijd die voorafging aan de tijd van de laatste vier eeuwen, dan stond de mens niet alleen tegenover zijn omgeving anders dan tegenwoordig, maar hij stond ook in een heel andere relatie tegenover iets wat zich in hemzelf manifesteert: hij stond in een andere verhouding tot zijn spraak, tot zijn spreken. In de spraak hebben we echt niet alleen dat wat de moderne materialistische wetenschap gelooft, maar we hebben in de spraak iets wat in veel gevallen verband houdt met de niet volledig bewuste menselijke ervaring, met wat zich vaak afspeelt in het onderbewustzijn van de mens, en daarom ook is doordrongen van spirituele wezens.

Spirituele wezens leven in het spreken van de mens, werken in hem, en wanneer de mens woorden vormt, dringen elementaire spirituele wezens binnen in zijn woorden. Op de vleugels van woorden vliegen spirituele wezens door de ruimtes waarin mensen met elkaar praten. Daarom is het zo belangrijk om aandacht te schenken aan bepaalde intimiteiten van de spraak, en dat men zich niet eenvoudigweg overgeeft aan de willekeur van het passionele leven wanneer men spreekt.

Bron: Rudolf Steiner – GA 275 – Kunst im Lichte der Mysterienweisheit – Dornach, 28 december 1914 (bladzijde 32)

Spreken is zilver, zwijgen is goud

Door weinig anders ontwikkelt men zich meer op de eerste treden van de geestelijke ladder, als daardoor dat men zich een tijdlang in zijn diepste innerlijk het zwijgen oplegt.

Ik win veel doordat ik maanden, misschien jarenlang tegen mezelf zeg: nu wil ik heel bescheiden, helemaal niet zelf iets menen, maar nu eens zelfloos vreemde meningen in mijn innerlijk laten leven. Totaal wil ik onderduiken in vreemde gewaarwordingen, gevoelens en gedachten. Zelfloos verwijd ik daardoor mijn zelf, terwijl ik het zelfzuchtig vernauw, wanneer ik keer op keer alleen mijn eigen meningen uit mijn eigen wezen als golfslag aan de oppervlakte van mijn leven wil laten opspelen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 34 – LUCIFER- GNOSIS – ÜBER DAS VERTRETEN DER PERSÖNLICHEN ÜBERZEUGUNG – april 1904 (bladzijde 454)

Vertaling: John Wervenbos

Eerder geplaatst op 19 december 2015

Oogkleppen

Er is een zeer, zeer te goeder trouw zijnde, waarschijnlijk ook volkomen van de waarheid van wat hij beweert, absoluut doordrongen man, die over de religieuze opvoeding van kinderen geschreven heeft in de eerste, in het voorjaar verschenen vrijdenkerskalender. Hij heeft de volgende logica ontwikkeld. Hij zegt: Men moet de kinderen niet godsdienstig opvoeden, want het is onnatuurlijk. Als men namelijk de kinderen opgroeien laat, zonder dat men hen religieuze begrippen en ideeën bijbrengt, zonder dat men hen religieuze gevoelens bijbrengt (Duits: einimpft), dan ziet men dat ze er vanzelf niet opkomen; daarmee zou aangetoond zijn, dat het onnatuurlijk is om de mensenziel zulke begrippen en ideeën op te dringen, omdat ze slechts van buitenaf ingeprent zijn. 

Het is zeer zeker, dat degenen die zich tegenwoordig vrijdenker noemen, met enthousiasme zo’n gedachte opnemen en hem zelfs diepzinnig vinden; men hoeft slechts het volgende te overwegen: Het is algemeen bekend dat een mensenkind, dat vóór het spreken geleerd heeft, zou worden verplaatst naar een onbewoond eiland, als het daar opgroeien moet, zonder dat het een menselijk geluid hoort, nooit zou leren spreken! Daaruit blijkt, dat het spreken zich bij de mens niet vanzelf vormt, als het hem niet van buitenaf bereikt. De goede vrijdenkende preker zou ook zijn aanhangers moeten verbieden de mensenkinderen het spreken te leren, omdat ze hun spreken niet uit zichzelf ontwikkelen. We zien dus dat iets wat heel logisch lijkt en wat soms een zeer brede gemeenschap als diepzinnig opvat, niets anders is dan een logische onzin; want op het moment dat men daarover nadenkt, blijkt het meteen logisch heel krakkemikkig. Hier hebben we een mens die met oogkleppen behept is. Zulke voorbeelden vinden we om de haverklap in het leven vandaag de dag.

Bron: Rudolf Steiner – GA 140 – Okkulte Untersuchungen über das Leben zwischen Tod und neuer Geburt – München, 10 maart 1913 (bladzijde 253)

Eerder geplaatst op 17 juli 2013