Oud en rimpelig

Liefde voor alle wezens, sympathie-ontwikkeling zorgt voor een jeugdig blijvend fysiek lichaam. Een van haat vervuld leven dat vol antipathie voor andere wezens is, dat op iedereen kritiseert en moppert en zich overal van terug zou willen trekken, bewerkt door deze neigingen een lichaam dat vroeg veroudert en rimpels krijgt. Zo dragen de neigingen en hartstochten van een leven zich over op het fysieke lichaam van de volgende incarnatie.

Bron: Rudolf Steiner – GA 99 – Die Theosophie des Rosenkreuzers – München, 30 mei 1907 (bladzijde 66-67)

Eerder geplaatst op 26 mei 2016

Zonder spirituele leringen vervalt de mensheid in decadentie

Hier op aarde is antroposofie om zo te zeggen een soort theorie en het ontgaat de mensen voor het bewustzijn in waaktoestand wat spiritueel actief is, wat echter objectief aanwezig is. Na de dood is de mens rechtstreeks waarnemer hoe de krachten, die hij met de spirituele leringen tijdens het leven op aarde opneemt, feitelijk organiserend werken, activerend, krachtgevend werken op datgene in zijn wezen dat daarna er zijn kan, wanneer hij zich weer op een nieuwe incarnatie voorbereidt.

Zo worden de spirituele leringen in de mensheidsevolutie opgenomen. Als echter deze spirituele onderrichtingen niet opgenomen zouden worden – tegenwoordig is het nog voldoende, als weinigen het opnemen, maar meer en meer mensen moeten het in de toekomst opnemen -, dan zouden langzamerhand de mensen, als ze weer naar een aarde-incarnatie terugkeren, niet genoeg levengevende krachten hebben, die ze dan nodig hebben. Er zou decadentie, een verkommering in de latere incarnatie optreden. De mensen zouden snel verwelken, vroeg rimpels krijgen en zo meer. Een decadentie, een wegkwijnen van de fysieke mensheid zou optreden, als de spirituele krachten niet zouden worden opgenomen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 141 – Das Leben zwischen dem Tode und der neuen Geburt im Verhältnis zu den kosmischen Tatsachen – Berlijn, 10 december 1912 (bladzijde 89-90)

Een heel ander soort botox

Liefde voor alle wezens, sympathieontwikkeling zorgt voor een jeugdig blijvend fysiek lichaam. Een van haat vervuld leven, dat vol antipathie voor andere wezens is, dat op iedereen kritiseert en moppert en zich overal van terug zou willen trekken, bewerkt door deze neigingen een lichaam dat vroeg veroudert en rimpels krijgt. Zo dragen de neigingen en hartstochten van een leven zich over op het fysieke lichaam van de volgende incarnatie.

Bron: Rudolf Steiner – GA 99 – Die Theosophie des Rosenkreuzers – München, 30 mei 1907 (bladzijde 66-67)

Eerder geplaatst op 2 oktober 2012

Veel van wat in het leven van weinig belang lijkt, is van gewicht als men het lot gaat bestuderen

Het is werkelijk minstens zo belangrijk voor het onderzoek van het lot om interesse te hebben voor een handbeweging als voor een geniale geestelijke gave. Zo is het evenzeer van belang te letten op de manier, waarop iemand gaat zitten als op de wijze, waarop hij zijn morele verplichtingen nakomt. Het is even belangrijk of iemand vaak rimpels in zijn voorhoofd trekt of dat hij al of niet vroom is. Veel van wat in het leven van weinig belang lijkt, is van gewicht als men het lot gaat bestuderen zoals het van leven naar leven gaat en veel van wat zeer belangrijk lijkt bij een mens, blijkt van weinig betekenis te zijn.

Nu is het in het algemeen niet zo makkelijk om bijvoorbeeld op lichamelijke eigenaardigheden te letten. Ze zijn er wel, maar men moet zich erin geoefend hebben om, natuurlijk zonder kwetsend te werk te gaan, ze te bestuderen, want het kan kwetsend zijn als men een medemens al te duidelijk om die reden bekijkt. Dat zou nooit mogen voorkomen, maar alles wat er in deze richting gedaan wordt zou op natuurlijke wijze moeten geschieden. Als men echter zijn aandacht in die richting geschoold heeft, dan blijken er bij iedere mens bijzondere eigenaardigheden te bestaan, kleinigheden, die voor het karmische onderzoek zeer belangrijk zijn.

Bron: Rudolf Steiner – GA 235 – Esoterische Betrachtungen karmischer Zusammenhänge – Erster Band – Dornach, 15 maart 1924 (bladzijde 152)

Vertaling: A. Goedheer-De Keizer en H.L. Veltman-Arntzenius

Eerder geplaatst op 23 november 2013

Veel van wat in het leven van weinig belang lijkt, is van gewicht als men het lot gaat bestuderen

Het is werkelijk minstens zo belangrijk voor het onderzoek van het lot om interesse te hebben voor een handbeweging als voor een geniale geestelijke gave. Zo is het evenzeer van belang te letten op de manier, waarop iemand gaat zitten als op de wijze, waarop hij zijn morele verplichtingen nakomt. Het is even belangrijk of iemand vaak rimpels in zijn voorhoofd trekt of dat hij al of niet vroom is. Veel van wat in het leven van weinig belang lijkt, is van gewicht als men het lot gaat bestuderen zoals het van leven naar leven gaat en veel van wat zeer belangrijk lijkt bij een mens, blijkt van weinig betekenis te zijn.

Nu is het in het algemeen niet zo makkelijk om bijvoorbeeld op lichamelijke eigenaardigheden te letten. Ze zijn er wel, maar men moet zich erin geoefend hebben om, natuurlijk zonder kwetsend te werk te gaan, ze te bestuderen, want het kan kwetsend zijn als men een medemens al te duidelijk om die reden bekijkt. Dat zou nooit mogen voorkomen, maar alles wat er in deze richting gedaan wordt zou op natuurlijke wijze moeten geschieden. Als men echter zijn aandacht in die richting geschoold heeft, dan blijken er bij iedere mens bijzondere eigenaardigheden te bestaan, kleinigheden, die voor het karmische onderzoek zeer belangrijk zijn.

Bron: Rudolf Steiner – GA 235 – Esoterische Betrachtungen karmischer Zusammenhänge – Erster Band – Dornach 15 maart 1924 (bladzijde 152)

Vertaling: A. Goedheer-De Keizer en H.L. Veltman-Arntzenius