Waarheid en leugen

Wie vandaag de dag de krant leest, kan het regelmatig meemaken dat hij op elke pagina iets leest dat niet waar is. Achteraf blijkt dan dat het niet waar was. Voor dergelijke dingen zijn, geloof ik, de meeste mensen al afgestompt, ze nemen waarheid of leugen beide in onverschilligheid op. Als mensen hiervoor echt afgestompt zijn, en waarheid en leugen op dezelfde wijze opnemen, dan zullen zij de geestelijke wereld niet kunnen betreden.

[…] Wanneer de mensen de geestelijke wereld willen leren kennen, moeten zij ertoe komen bij een onjuiste zaak zielepijn, en bij een juiste zaak zielevreugde te ervaren. Over de waarheid zou men zich zo moeten verheugen alsof men van iemand een miljoen geschonken krijgt!

Zo moet men zich kunnen verheugen wanneer men een waarheid te horen krijgt en zo moet men innerlijk, in de ziel, kunnen lijden wanneer men ontdekt dat men voorgelogen wordt –zoals het lichaam lijdt wanneer het ernstig ziek is. De ziel moet niet ziek worden, maar moet pijn of vreugde ervaren, zoals het lichaam ziekte ervaren kan of juist een weldadig gevoel. Dat wil zeggen dat men de waarheid moet ervaren zoals men vreugde en gelukzaligheid in het dagelijkse leven ervaren kan, en men moet het onware zo pijnlijk ervaren, innerlijk zoveel pijn beleven, zoals men anders van verstoringen in het lichaam ziek kan worden.

Bron: Rudolf Steiner – GA 350 – Rhythmen im Kosmos und im Menschenwesen/Wie kommt man zum Schauen der geistigen Welt? – Dornach, 30 juni 1923 (bladzijde 173-174)

Dit citaat heb ik overgenomen van https://www.antrovista.com/verdieping/citaat-van-de-dag.html (verzorgd door Renée Zeylmans http://www.reneezeylmans.nl/ )

Werkelijkheidsvreemd denken

Wat we op school doen, komt weer in het leven terug! Wanneer we op school verkeerd lesgeven, wanneer we zo onderwijzen dat we iets wat helemaal geen realiteit is, in een rekenopgave stoppen, dan wordt deze manier van denken door de jonge mens overgenomen en meegenomen in het leven.

Ik weet niet of het in Engeland ook zo is, maar in Midden-Europa is het overal zo, dat wanneer, laten we zeggen, meerdere wetsovertreders samen aangeklaagd en veroordeeld worden, je dan in de kranten vindt: alle vijf hebben samen een gevangenisstraf van 75½ jaar. De ene heeft 10, de andere 20 jaar gekregen enz., maar men telt het bij elkaar op. Dat staat steeds weer in de krant. Nu zou ik willen weten wat zo’n som in werkelijkheid betekent. Voor de enkeling die veroordeeld is, heeft die 75 jaar zeker geen betekenis; maar alle vijf samen komen ze ook vroeger vrij. Dus dat is niet reëel.

Kijk, dat is het belangrijkste, dat je overal begint met de realiteit. Je vergiftigt het kind eigenlijk, wanneer je hem zo’n optelling geeft, die absoluut in de realiteit niet mogelijk is.

Je moet een kind stimuleren alleen die dingen te denken die ook in het leven aanwezig zijn. Dan komt vanuit het onderwijs weer realiteit in het leven. We lijden in onze tijd juist vreselijk onder het werkelijkheidsvreemde denken van de mensen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 311Die Kunst des Erziehens aus dem Erfassen der Menschenwesenheit – Torquay, 19 August 1924 (bladzijde 119-120)

Vertaling: Pieter H.A. Witvliet – De gehele vertaalde voordracht is te vinden op zijn weblog VRIJESCHOOL – PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE ACHTERGRONDEN Rudolf Steiner over pedagogie(k) – GA 311 – voordracht 7 (bladzijde 119-120)

Ascese

Als men het leven in antroposofische, spirituele kringen vergelijkt met het leven in “levensgenietende” (Duits: weltfreudigen) kringen, die zeggen dat men niet ascetisch (Ascese: het streven naar of het beoefenen van een reine levenswandel door de eigen hartstochten en begeerten te beteugelen en zelftucht toe te passen – Wikipedia) zou moeten leven, maar het leven moet nemen zoals het is, dan is daarop te antwoorden dat de antroposoof zich niet van bepaalde dingen terugtrekt, omdat hij zich aan het leven wil onttrekken, het leven ontvluchten wil, maar omdat hij het ware, echte leven in wil.

Er is geen grotere ascese, geen vreselijkere ontbering voor degenen die interesse hebben in de geesteswetenschap dan zich over te geven aan de bezigheden, die men in vele kringen het “leven” noemt. Als men dat leven noemt: ’s Morgens opstaan, zijn krant lezen, het een of ander verrichten waarvan men het praktisch nut inziet, ’s avonds een of andere banaliteit meemaken – als men dat leven noemt, dan is er inderdaad een “ascese” voor de antroposofen, een zware ontbering, namelijk als men hem dwingt aan dit leven deel te nemen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 56 – Die Erkenntnis der Seele und des Geistes – Berlijn, 12 december 1907 (bladzijde 133-134)

Eerder geplaatst op 9 mei 2012.

De onfeilbaarheid van de paus geldt voor velen niet meer, wel echter de onfeilbaarheid van universiteitsprofessoren

Velen in de Europese bevolking geloven tegenwoordig dat men van dogma’s vrij is, maar juist de vrijdenkers en materialisten zijn de ergste dogmafanatici. Het materialistische dogma is nog veel onderdrukkender dan alle andere. De onfeilbaarheid van de paus geldt voor velen niet meer, maar wel echter de onfeilbaarheid van universiteitsprofessoren. Ook de meest liberale is, ondanks de beweringen van het tegendeel, aan de dogma’s van het materialisme onderworpen. Wat voor een dogma’s zijn er bijvoorbeeld bij juristen, medici en zo meer. Elke professor leert zijn dogma. Of ook: Hoe zwaarwegend is het dogma van de onfeilbaarheid van de publieke mening, de dagelijkse krant.

Bron: Rudolf Steiner – GA 95 – Stuttgart 3 september 1906 (bladzijde 126)