Hartstochten die het lichaam naar de kloten helpen ūüėĬ†

In de regel wordt het fysieke lichaam van de mens als het laagste beschouwd, maar dit is onterecht, want juist in zijn lichaam komt de grootste wijsheid aan het licht. Alleen door deze wijsheid is het fysieke lichaam in staat de aanvallen te weerstaan die het astraal lichaam¬į er altijd op doet, zonder voortijdig te bezwijken. De hartstochten die in het fysieke lichaam actief zijn, het drinken van koffie, thee enzovoort, zijn allemaal aanvallen van het astrale lichaam op het fysieke lichaam, en vooral op het hart. Daarom moest dit zo verstandig worden opgebouwd dat de aanvallen het tientallen jaren lang niet zouden kunnen vernietigen.¬†

Bron: Rudolf Steiner – GA 100 – Menschheitsentwickelung und Christus-Erkenntnis – Das Johannes Evangelie – Bazel, 19 november 1907 (blz. 214-215)

Bovenstaande titel is niet van Steiner, maar van mij. De meeste titels bedenk ik er zelf bij en zijn dus niet de woorden van Steiner.

Astraal lichaam

√Č√©n van de vier wezensdelen van de mens. Dieren hebben ook een astraal lichaam. Het astraal lichaam is de zetel van het bewustzijn en het zelfbewustzijn met alle gevoelens en strevingen die erin zijn gelokaliseerd. Het astraal lichaam stelt mens en dier in staat zich te bewegen.

Bron: Henk van Oort РLEXICON ANTROPOSOFIE 

Lubieniecki_Gourmands

Schilderij door Krzysztof Lubieniecki

Aandacht / Gezondheid 

[…] zijn aandacht hebben bij datgene waar men mee bezig is betekent altijd dat men de kern van zijn innerlijk wezen in innig contact brengt met die bezigheid. En alles wat de kern van ons wezen verbindt met wat wij doen versterkt ons etherlichaam* of levenslichaam. Daardoor worden wij gezonder.

Bron: Rudolf Steiner – GA 143 – Nervosit√§t und Ichheit – M√ľnchen, 11 januari 1912 (blz. 17)

Vertaling Margreet Meijer-Kouwe – Overgenomen uit het boekje Nervositeit-Wijsheid-Liefde (blz. 21-22)

Etherlichaam BETEKENIS & DEFINITIE

Eén van de vier wezensdelen. Ook wel levenslichaam genoemd omdat het de plant, het dier en de mens als levende wezens in stand houdt. Bij de dood scheidt het etherlichaam zich van het fysieke lichaam, waardoor het fysieke lichaam zijn vorm verliest en tot ontbinding overgaat. Het etherlichaam lost langzaam op in de algemene etheraura van de aarde.

Bron: Henk van Oort – Lexicon Antroposofie

P.S. Ik denk wel dat Steiner hier niet bedoelt dat men bij bijvoorbeeld stofzuigeren of afwassen de volle aandacht moet hebben. Het gaat wel om bezigheden die men met het hoofd, het denken moet doen. Ergens anders zegt hij ook nog dat niets erger is voor een mens dan met het hart niet erbij te zijn wat het hoofd moet doen.

0000001991

Men kan niets onzinnigers menen dan dit

Het hart is ook met betrekking tot de geesteswetenschappelijke onderzoekingen een buitengewoon interessant orgaan. U weet dat onze triviale wetenschap het zich wat betreft de kennis van het hart reuze eenvoudig maakt. Ze ziet het hart als een pomp, een pomp die het bloed door het lichaam pompt. Nu, men kan niets onzinnigers menen dan dit, wat het hart heeft helemaal niets te maken met pompen van het bloed, want het bloed wordt door de activiteit van het astrale lichaam, van het Ik, in beweging (Duits: Tätigkeit) gezet, en het hart is alleen de reflex van deze bewegingen.

De beweging van het bloed is een eigen beweging en het hart brengt alleen tot uitdrukking wat de beweging van het bloed, de krachten veroorzaken. Het hart is feitelijk slechts het orgaan dat de beweging van het bloed uitdrukt; het hart heeft geheel geen activiteit ten opzichte van de bloedbeweging. De hedendaagse natuurwetenschappers worden woedend (Duits: fuchswild) als men over deze zaak spreekt.

Ik heb eens vele jaren geleden, ik geloof 1904 of 1905, op een reis naar Stockholm aan een natuuronderzoeker, een arts, deze zaak uiteengezet, en hij werd zowat razend hierover, dat men het hart niet langer als een pomp moet zien, maar dat het het bloed zelf is dat door zijn vitaliteit in beweging komt en dat het hart slechts ingevoegd is in de algemene bloedstroom en ze meemaakt in de hartslagen enzovoort.

Bron: Rudolf Steiner – GA 205 – Menschenwerden, Weltenseele und Weltengeist – Dornach, 2 juli 1921 (bladzijde 104-105)

Zie ook: Herz – Anthrowiki

maxresdefault-6

Eerder geplaatst op 30 oktober 2021  (8 reacties)

Theoretische kennis is niet het belangrijkste

Iets dat veel belangrijker is dan de details van de antroposofische leringen, is de som van gevoelens en gewaarwordingen die we geleidelijk tot gewoonte maken. Want we worden in feite langzamerhand geheel andere mensen, en degenen die zich dergelijke gevoelens van andere werelden hebben eigengemaakt, van die werelden die weliswaar in de onze aanwezig zijn en voortdurend door ons heen pulseren, maar die voor de uiterlijke zintuigen niet waarneembaar zijn. Mensen die zulke gewaarwordingen en gevoelens hebben die betrekking hebben op andere werelden zoals is aangegeven, worden hier als gevorderde antroposofen bedoeld. Het is dus niet uw theoretische kennis, maar uw hart en gevoel waarop een beroep wordt gedaan als we de recente beschouwingen en deze van vandaag onbevooroordeeld willen opnemen.

Bron: Rudolf Steiner РGA 102 РDas  Hereinwirken geistiger  Wesenheiten in  den  Menschen РBerlijn, 16 mei 1908 (blz. 162-163)

steiner

Men kan niets onzinnigers menen dan dit

Het hart is ook met betrekking tot de geesteswetenschappelijke onderzoekingen een buitengewoon interessant orgaan. U weet dat onze triviale wetenschap het zich wat betreft de kennis van het hart reuze eenvoudig maakt. Ze ziet het hart als een pomp, een pomp die het bloed door het lichaam pompt. Nu, men kan niets onzinnigers menen dan dit, wat het hart heeft helemaal niets te maken met pompen van het bloed, want het bloed wordt door de activiteit van het astrale lichaam, van het Ik, in beweging (Duits: Tätigkeit) gezet, en het hart is alleen de reflex van deze bewegingen.

De beweging van het bloed is een eigen beweging en het hart brengt alleen tot uitdrukking wat de beweging van het bloed, de krachten veroorzaken. Het hart is feitelijk slechts het orgaan dat de beweging van het bloed uitdrukt; het hart heeft geheel geen activiteit ten opzichte van de bloedbeweging. De hedendaagse natuurwetenschappers worden woedend (Duits: fuchswild) als men over deze zaak spreekt.

Ik heb eens vele jaren geleden, ik geloof 1904 of 1905, op een reis naar Stockholm aan een natuuronderzoeker, een arts, deze zaak uiteengezet, en hij werd zowat razend hierover, dat men het hart niet langer als een pomp moet zien, maar dat het het bloed zelf is dat door zijn vitaliteit in beweging komt en dat het hart slechts ingevoegd is in de algemene bloedstroom en ze meemaakt in de hartslagen enzovoort.

Bron: Rudolf Steiner – GA 205 – Menschenwerden, Weltenseele und Weltengeist – Dornach, 2 juli 1921 (bladzijde 104-105)

Eerder geplaatst op 6 augustus 2017  (12 reacties)

maxresdefault-6