Logische argumenten geven zelden de doorslag 

Dikwijls is niet alleen de wens de vader van de gedachte, maar alle gevoelens en denkgewoonten zijn de ouders der gedachten. Wanneer men enige levenservaring heeft, dan weet men hoe zelden iemand te overtuigen is door logische argumenten. Iets, wat in de ziel veel dieper ligt dan logische gezichtspunten, geeft de doorslag.

Bron: Rudolf Steiner – GA 108 – Praktische Ausbildung des Denkens – Karlsruhe, 18 januari 1909 (bladzijde 273)

 41EAQSITM8L._SX367_BO1,204,203,200_

Eerder geplaatst op 20 februari 2018

De karmische machten zagen al je levensdaden, je meest verborgen gedachten en gevoelens

Je hebt in je karakter menige mooie zijde, menige lelijke vlek. Beide heb je zelf veroorzaakt door eerdere ervaringen en gedachten. Deze kende je tot nu toe niet; je nam alleen de gevolgen waar. Maar zij, de karmische machten, zagen al je voorafgaande levensdaden, je meest verborgen gedachten en gevoelens. En daaruit hebben zij bepaald hoe je nu bent en hoe je nu leeft.

Bron: Rudolf Steiner – GA 10 – De weg tot inzicht in hogere werelden (blz. 149)

Rudolf  Steiner / Werken en voordrachten onder redactie van Frans van Bussel, Michel Gastkemper en  Roel Munniks

Vertaald door Marijke Buursink. Met toelichtingen van Leo de la Houssaye  en Roel Munniks

Duitstalige link: GA 10 (blz. 194)  

Eerder geplaatst in oudere vertaling op 8 februari 2018  (1 reactie)

Weg-tot-inzicht-in-hogere-werelden-2013

Nabootsing / Imponderabele invloeden

In de geestelijke wereld is ieder wezen zo aanwezig dat het niet buiten andere wezens staat, maar dat het in ieder ander wezen objectief liefdevol mee kan leven. Zo in die wereld te staan, brengt het kind mee als een naklank en wij nemen dan waar hoe het kind een nabootsend wezen wordt, hoe het alles wat het leert, wat het zich eigen maakt in de eerste zeven jaar, doet als nabootsend wezen. En wij moeten bij een goede pedagogische kunst met dit principe van de nabootsing bijzonder rekening houden.

Dit moet een goede opvoeder weten. In de eerste zeven levensjaren kan je niet door vermaningen, niet door wat voor geboden ook, het kind sturen; maar je geeft richting aan het gedrag van het kind door wat je zelf doet. Maar net zoals in de natuur heeft ook de mens te maken met het ‘onweegbare’. Niet alleen stuur je en leid je een kind door wat je zelf doet, maar ook door wat je zelf voelt, wat je zelf denkt. Ben je iemand die zichzelf niet toestaat alledaagse en kleinzielige voorstellingen en gevoelens te hebben in de buurt van zijn kinderen, dan komt er uit de kinderen ook iets nobels, iets goeds. Laat je bij jezelf – omdat je denkt dat dit toch niet vanuit een mens verder doorwerkt – in de buurt van kinderen onedele gedachten, onedele gevoelens toe, dan werken die door. Op dit vlak werkt het imponderabele.

Bron: Rudolf Steiner – GA 304 -Erziehungs- und Unterrichtsmethoden auf  anthroposophischer Grundlage – Den Haag, 27 februari 1921 (bladzijde 43-44)

Vertaling: Pieter Witvliet. Voor meer van zijn vertaling van GA 304 zie: VRIJESCHOOL – PEDAGOGISCH-DIDACTISCHE ACHTERGRONDEN

kinderen-imiteren-e1623833920320

nabootsing1

Eerder geplaatst op 23 juni 2020  (2 reacties)

Boosaardige gevoelens

Waar de gelegenheid zich voordoet voor bepaalde wezens, daar zijn ze er altijd. Wanneer een persoon boosaardige, slechte gevoelens verspreidt, dan zijn die slechte, kwaadaardige gevoelens ook iets dat om hem heen leeft en wezens aantrekt die er slechts op wachten, zoals een of ander fysiek wezen op voedsel wacht. Ik heb het ooit vergeleken met het feit dat er in een schone kamer geen vliegen zijn; maar als er allerlei voedselrestjes in de kamer zijn, dan zijn er vliegen. Zo is het met de bovenzinnelijke wezens: je hoeft ze alleen maar het voedsel te voeren.

Bron: Rudolf Steiner – GA 102 – Das Hereinwirken geistiger Wesenheiten in den Menschen – Berlijn, 1 juni 1908 (bladzijde 186)

vliegen-bestrijden

Eerder geplaatst op 21 juli 2019  (1  reactie)