Blind (1)

Voor een mens die blind is geboren, is de wereld van kleuren en licht een voor hem onwaarneembare wereld. Waardoor is er een wereld voor de mensen? Enkel doordat hij organen voor deze wereld heeft. Op het moment dat de blindgeborene de ogen geopend worden, hoeft hij zich niet meer enkel door anderen te laten zeggen, dat er licht en kleur bestaat, maar dan verschijnt er een nieuwe wereld, die er altijd was, voor zijn ogen. Niets anders zegt de geesteswetenschap en over niets anders gaat het. Als zij over een andere wereld spreekt, dan spreekt zij daarover in precies dezelfde zin als in de vergelijking van de wereld van kleur en licht tegenover de blindgeborenen. De geestelijke onderzoeker zegt dat een wereld voor hem er dan is, als er een orgaan voor is. De bovenzinnelijke wereld is voor de mens van tegenwoordig gesloten, omdat bij hem geen organen ervoor aanwezig zijn. Het verhoudt zich niet anders voor hem, als de wereld van kleuren en licht zich voor de blindgeborene verhoudt. Hier zijn niet enkel voorwerpen die de mens met zijn verstand en de zintuigen kan vatten, hier zijn nog geheel andere wezens. Als u door de zaal loopt, loopt u door een wereld van geesteswezens, zoals de blinde die de stoelen en banken enkel kan betasten, door een wereld van kleuren en licht loopt, zonder die te kunnen zien.

Wordt vervolgd

Bron: Rudolf Steiner – GA 55 –  Die Erkenntnis des Übersinnlichen in unserer Zeit und deren Bedeutung für das heutige Leben – Berlijn, 11 oktober 1906 (bladzijde 30)

Eerder geplaatst op 11 november 2012

Blind (1)

Voor een mens die blind is geboren, is de wereld van kleuren en licht een voor hem onwaarneembare wereld. Waardoor is er een wereld voor de mensen? Enkel doordat hij organen voor deze wereld heeft. Op het moment dat de blindgeborene de ogen geopend worden, hoeft hij zich niet meer enkel door anderen te laten zeggen, dat er licht en kleur bestaat, maar dan verschijnt er een nieuwe wereld, die er altijd was, voor zijn ogen. Niets anders zegt de geesteswetenschap en over niets anders gaat het. Als zij over een andere wereld spreekt, dan spreekt zij daarover in precies dezelfde zin als in de vergelijking van de wereld van kleur en licht tegenover de blindgeborenen. De geestelijke onderzoeker zegt dat een wereld voor hem er dan is, als er een orgaan voor is. De bovenzinnelijke wereld is voor de mens van tegenwoordig gesloten, omdat bij hem geen organen ervoor aanwezig zijn. Het verhoudt zich niet anders voor hem, als de wereld van kleuren en licht zich voor de blindgeborene verhoudt. Hier zijn niet enkel voorwerpen die de mens met zijn verstand en de zintuigen kan vatten, hier zijn nog geheel andere wezens. Als u door de zaal loopt, loopt u door een wereld van geesteswezens, zoals de blinde die de stoelen en banken enkel kan betasten, door een wereld van kleuren en licht loopt, zonder die te kunnen zien.

Wordt vervolgd     Zie ook: Goethe – Faust

Bron: Rudolf Steiner – GA 55 –  Die Erkenntnis des Übersinnlichen in unserer Zeit und deren Bedeutung für das heutige Leben – Berlijn 11 oktober 1906 (bladzijde 30)

Schilderij van Walter Albert Heckmann (1929-1994)

 

Rudolf Steiner – Een helderziende is met geesteswezens even vertrouwd als een ander met zijn hond of kat.

Zoals een gedachte in de mens leeft, is zij slechts een schaduwbeeld, een schim van haar werkelijke wezen. Zoals de schaduw op een wand zich verhoudt tot het voorwerp zelf dat deze schaduw werpt, zo verhoudt zich de gedachte welke in het menselijk hoofd opkomt, tot het wezen in de geesteswereld dat aan deze gedachte beantwoordt.

Als nu iemands geesteszintuig tot ontwikkeling is gekomen, dan neemt hij dit gedachtenwezen even reëel waar als hij met zijn fysieke ogen een tafel of stoel waarneemt. Hij verkeert in een omgeving van gedachtenwezens.

Het zintuiglijk oog neemt een leeuw waar, en het op het zintuiglijke gerichte denken ervaart de gedachte aan een leeuw slechts als een schim, als een schaduwachtig beeld. Het geestesoog evenwel ziet in de geesteswereld de leeuw als gedachte even werkelijk als het stoffelijk oog de fysieke leeuw. Zoals voor iemand die blind geboren is, na de operatie welke hem het gezichtsvermogen deed verkrijgen zijn omgeving plotseling met nieuwe eigenschappen van kleur en licht verrijkt schijnt, zo komt het iemand die zijn geestesoog leert gebruiken voor, alsof hij omgeven is door een nieuwe wereld, een wereld van levende gedachten of geestelijke wezens.

Wanneer iemand die slechts vertrouwt op zijn uiterlijke zintuigen, deze wereld van geestelijke wezens loochent en beweert dat die wezens niet meer dan abstracties zijn, welke door het vergelijkende verstand worden gevormd aan de hand van hetgeen met de zintuigen wordt waargenomen, dan is zulks begrijpelijk omdat juist zo iemand niet in staat is om iets van deze hogere wereld waar te nemen. Hij kent de gedachtenwereld slecht in haar schimachtige abstractheid. Hij weet niet  dat iemand wiens geestesoog geopend is, met die geesteswezens even vertrouwd is als hijzelf met zijn hond of kat, noch dat deze wereld een veel intensievere werkelijkheid bezit dan de zintuiglijk-fysieke wereld.

Bron: GA 9 –  Theosofie

Dean Martin (bijgenaamd Drunky Dean) zingt samen met Nancy Sinatra (bezongen door pa Frank als Nancy with the laughing face) Things. Niet dat het veel met deze blog te maken heeft, maar wel een erg leuke song.