Angst en nood de moeder van de religie?

Een uitspraak van Ebbinghaus  is, dat hij ten eerste zegt: ‘Angst en nood zijn de moeder van de religie.’ Dan zegt hij: ‘De kerken vullen zich en de bedevaarten nemen toe in oorlogstijden en bij verwoestende epidemieën.’

Ik zou wel eens willen weten of de kerken zich bij epidemieën en oorlogstijden ook vullen met degenen die van meet af aan zeer tot materialisme geneigd zijn. Alleen door degenen die op een of andere wijze al iets van een religieuze aanleg hebben, vullen de kerken zich. Dat komt echter niet door angst en nood, dat komt doordat de mens in zijn ziel het spirituele bespeurt. In vroegere tijden heeft hij het meer instinctief beleefd. Tegenwoordig kan hij het meer bewust beleven. Doordat de mens zich geleidelijk ontwikkelt tot het beleven van het geestelijke, ziet hij in het zintuiglijke een beeld van het bovenzintuiglijke.

Bron: Rudolf Steiner – GA 072 – Freiheit/Unsterblichkeit/Soziales Leben – Bazel, 19 oktober 1917  (bladzijde 98)

Eerder geplaatst op 25 maart 2016

Gewoonten/Ziekte/Gezondheid

Een slechte gewoonte in een vorig leven is een oorzaak voor ziekte in het volgende leven, een goede gewoonte is een oorzaak voor gezondheid. […] Men kan zien hoe de aanleg van een mens voor infectieziekten op deze wijze verkregen wordt. We weten dat iemand naar alle mensen en alle plaatsen kan gaan, waar epidemieën of besmettelijke ziekten heersen, zonder dat hij gevaar loopt deze ziekten op te lopen. Een ander hoeft zogezegd maar over straat te lopen en wordt meteen aangestoken. Het hangt van zijn dispositie af of hij wordt besmet of niet. Nu weten de ingewijden zeer goed dat de aanleg, die naar infectieziekten leidt, berust op een in het voorgaande leven grote egoïstische hebzucht, die op zelfzuchtige wijze eraan denkt voor zichzelf rijkdommen te verzamelen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 97 – Das christliche Mysterium – Erkenntnisse und Lebensfrüchte der Geisteswissenschaft – Stuttgart, 14 maart 1906 (bladzijde 253)

Eerder geplaatst op 22 juli 2012

Angst en nood de moeder van de religie?

Een uitspraak van Ebbinghaus  is, dat hij ten eerste zegt: ‘Angst en nood zijn de moeder van de religie.’ Dan zegt hij: ‘De kerken vullen zich en de bedevaarten nemen toe in oorlogstijden en bij verwoestende epidemieën.’

Ik zou wel eens willen weten of de kerken zich bij epidemieën en oorlogstijden ook vullen met degenen die van meet af aan zeer tot materialisme geneigd zijn. Alleen door degenen die op een of andere wijze al iets van een religieuze aanleg hebben, vullen de kerken zich. Dat komt echter niet door angst en nood, dat komt doordat de mens in zijn ziel het spirituele bespeurt. In vroegere tijden heeft hij het meer instinctief beleefd. Tegenwoordig kan hij het meer bewust beleven. Doordat de mens zich geleidelijk ontwikkelt tot het beleven van het geestelijke, ziet hij in het zintuiglijke een beeld van het bovenzintuiglijke.

Bron: Rudolf Steiner – GA 072 – Freiheit/Unsterblichkeit/Soziales Leben – Bazel, 19 oktober 1917  (bladzijde 98)

Eerder geplaatst op 31 december 2011

Over Karma en Besmettelijke Ziekten

Het karma is niet enkel van invloed op de individuele mensen, maar het betreft gehele volkeren. Een voorbeeld hiervan: U weet allen dat er in de Middeleeuwen een epidemie, de Miselsucht, geweest is; dat is een soort lepra. Pas in de 16de eeuw verdwijnt deze ziekte uit Europa. Er was een zeer bijzondere oorzaak, dat deze epidemie juist in de Middeleeuwen optrad, en wel een geestelijke oorzaak. De materialist is natuurlijk geneigd een dergelijke besmettelijke ziekte op bacillen terug te voeren, maar de fysieke oorzaak is het niet alleen wat bij zo’n ziekte in aanmerking komt.

Dat is net zo als wanneer iemand afgeranseld wordt en men zou onderzoeken waarom iemand afgeranseld wordt. Wie inzicht heeft, zal zonder meer inzien dat de oorzaak van de ranseling erop berust, dat er in het dorp enkele mensen zijn, die zeer bruut (Duits: roh) zijn. Het zou echter in dit geval een ronduit dwaze conclusie zijn – net als de materialistische conclusie in het bovenstaande geval –  als iemand zou komen en zeggen, dat de man zijn blauwe plekken op de rug enkel en alleen heeft doordat de stok zo en zo vaak op zijn rug neergedaald is. De puur materialistische oorzaak van de blauwe plekken is zonder twijfel de op de rug neergedaalde stok, de diepere oorzaken zijn echter toch die hardhandige mensen. En evenzo heeft deze ziekte, naast de materialistische oorzaak van de bacillen, ook een geestelijke oorzaak.

Bron: Rudolf Steiner – GA 100 – Menschheitsentwickelung und Christus-Erkenntnis/ Theosophie und Rosenkreuzertum – Kassel, 23 juni 1907 (bladzijde 87)

Hoe zal men deze mensheid bijbrengen dat er iets geestelijks bestaat? – 1 van 2

De mensheid heeft volkomen verleerd de geest in de ware gedaante te vatten; verleerd zich werkelijk te richten op de hogere werelden, totaal vergeten het begrip daarvan, zodat zo’n wereld voor hen eigenlijk niet meer bestaat. Hoe zal men deze mensheid, die slechts een gevoel voor het materiële heeft, bijbrengen dat er iets geestelijks bestaat? Waarom was het zo nodig de mensheid een bewustzijn van de geestelijke wereld bij te brengen?

Hier roeren we een van de belangrijkste geheimen, die in onze tijd sluimeren, aan. Ik heb hier al vaak erop gewezen waarom er eigenlijk een antroposofische beweging is, waartoe ze nodig is. Wie kan waarnemen in de spirituele wereld, die weet dat alles wat uiterlijk materieel bestaat, zijn geestelijke oorsprong heeft, uit het geestelijke stamt. Zo komt dan ook wat de mensen uiterlijk als gezondheid en ziekte hebben van hun gezindheid, van hun gedachten. Het is een volkomen waar spreekwoord: Wat je vandaag denkt, dat ben je morgen. – Het moet u duidelijk zijn, dat als een tijdperk slechte, verdorven gedachten heeft, de volgende generatie en het volgende tijdperk dit fysiek te boeten heeft. […] Niet straffeloos zijn de mensen van de 19de eeuw begonnen zo grof materieel te denken, zich zo af te keren met hun verstand van al het spirituele. Wat de mensen toen gedacht hebben, dat zal zich vervullen. En we zijn er niet zo ver vanaf dat merkwaardige ziekten en epidemieën in de mensheid zullen opkomen.

Wordt vervolgd

Bron: Rudolf Steiner – GA 264 – Zur Geschichte und aus den Inhalten der ersten Abteilung der Esoterischen Schule 1904 – 1914  – Berlijn, 29 januari 1906 (bladzijde 378)

Eerder geplaatst op 16 december 2013