Juist de vrijdenkers en materialisten zijn de ergste dogmafanatici

Velen in de Europese bevolking geloven tegenwoordig dat men van dogma’s vrij is, maar juist de vrijdenkers en materialisten zijn de ergste dogmafanatici. Het materialistische dogma is nog veel onderdrukkender dan alle andere. De onfeilbaarheid van de paus geldt voor velen niet meer, maar wel echter de onfeilbaarheid van universiteitsprofessoren. Ook de meest liberale is, ondanks de beweringen van het tegendeel, aan de dogma’s van het materialisme onderworpen. Wat voor een dogma’s zijn er bijvoorbeeld bij juristen, medici en zo meer. Elke professor leert zijn dogma. Of ook: Hoe zwaarwegend is het dogma van de onfeilbaarheid van de publieke mening, de dagelijkse krant.

Bron: Rudolf Steiner – GA 95 – Vor dem Tore der Theosophie – Stuttgart,  3 september 1906 (bladzijde 126)

Eerder geplaatst op 25 mei 2014

Over waarheden en dogma’s

Het is goed om, wat ik al vaker genoemd heb, dat in het bijzonder vanuit ons antroposofische standpunt bewust en grondig erkend wordt: Ook het weten dat men in het heden, hoe onmiskenbaar het ook is, over spirituele zaken kan verwerven, het mag niet opgevat worden als een som van absolute dogma’s. Het moet duidelijk zijn dat degenen die later in komende tijden zullen verschijnen, meer waarheden zullen zien, dan wij zelf zien kunnen en in staat zijn naar voren te brengen.

Daarop berust eigenlijk de geestelijke ontwikkeling van de mensheid. En alle belemmering, alle hindernis voor de geestelijke vooruitgang van de mensheid berust uiteindelijk op het feit dat de mensen het niet toegeven willen, dat ze graag waarheden overgeleverd willen hebben, die niet de waarheden van een bepaald tijdperk zijn, maar die absolute, tijdloze dogma’s zijn.

Bron: Rudolf Steiner – GA 184 – Die Polarität von Dauer und Entwickelung im Menschenleben – Dornach, 6 september 1918 (bladzijde 13)

Twijfel/Waarheid/Dwaling

Als u soms ook twijfel zou kunnen overvallen bij de gedachte: Er is wel een sterk licht aanwezig, maar ook een grote kans op vergissingen, hoe zal jij zwakke mens daarin de goede weg vinden? Hoe zul je kunnen onderscheiden, wat van de waarheid stamt en wat dwaling is? – Als zulk een gedachte in u opstijgt (Duits: in der Brust aufsteigt), kunt u versterking en kracht voelen door het devies: De waarheid zal het zijn dat de hoogste impuls voor de mensheidsontwikkeling zal geven, en de waarheid zal mij nader staan dan mijzelf. Stel ik mij zo in op waarheid en vergis ik mij hier in deze incarnatie, dan zal de waarheid de kracht hebben mij tot zich te trekken in de volgende incarnatie. Als ik mij eerlijk vergis in deze incarnatie, zal zich deze dwaling compenseren in de volgende. Het is beter zich eerlijk te vergissen dan oneerlijk dogma’s aan te hangen. En het woord zal voor ons oplichten: Niet door onze wil, wel echter door de goddelijke kracht van de waarheid zelf zal deze waarheid zegevieren.

Bron: Rudolf Steiner – GA 127 – Die Mission der neuen Geistesoffenbarung – Kopenhagen 5 juni 1911 (bladzijde 180)

Eerder geplaatst op 25 augustus 2013 

Twijfel/Waarheid/Dwaling

Als u soms ook twijfel zou kunnen overvallen bij de gedachte: Er is wel een sterk licht aanwezig, maar ook een grote kans op vergissingen, hoe zal jij zwakke mens daarin de goede weg vinden? Hoe zul je kunnen onderscheiden, wat van de waarheid stamt en wat dwaling is? – Als zulk een gedachte in u opstijgt (Duits: in der Brust aufsteigt), kunt u versterking en kracht voelen door het devies: De waarheid zal het zijn dat de hoogste impuls voor de mensheidsontwikkeling zal geven, en de waarheid zal mij nader staan dan mijzelf. Stel ik mij zo in op waarheid en vergis ik mij hier in deze incarnatie, dan zal de waarheid de kracht hebben mij tot zich te trekken in de volgende incarnatie. Als ik mij eerlijk vergis in deze incarnatie, zal zich deze dwaling compenseren in de volgende. Het is beter zich eerlijk te vergissen dan oneerlijk dogma’s aan te hangen. En het woord zal voor ons oplichten: Niet door onze wil, wel echter door de goddelijke kracht van de waarheid zelf zal deze waarheid zegevieren.

Bron: Rudolf Steiner – GA 127 – Die Mission der neuen Geistesoffenbarung – Kopenhagen, 5 juni 1911 (bladzijde 180)