De school van de onzelfzuchtigheid

Een vernieuwing van de moraal, een verdieping van het menselijke ethische leven kan alleen komen door de scholing van onzelfzuchtigheid. Deze school van de onzelfzuchtigheid kan de mens onder de voorwaarden van de huidige tijd alleen doormaken als hij inzicht verwerft in werkelijke onbaatzuchtigheid, een indringend begrip verwerft voor werkelijke belangeloosheid. Nu kunnen we als we de wereldevolutie, de wereldontwikkeling doorlopen, geen dieper begrip voor onzelfzuchtigheid vinden dan door wat ons met de verschijning van Christus op aarde gegeven is. En Christus erkennen wil zeggen: de scholing van onzelfzuchtigheid doormaken. […]

Onder de invloed van het materialisme ging de onzelfzuchtigheid van de mensheid verloren, zoals het pas in toekomstige tijden van de mensheid zal worden erkend. Maar door de verdieping in het mysterie van Golgotha, de doordringing van de kennis van het mysterie van Golgotha met ons hele gevoel, ons hele wezen, kunnen we ons weer een cultuur van onzelfzuchtigheid verwerven. En we kunnen zeggen: Wat Christus voor de aardeontwikkeling gedaan heeft, is besloten in de basisimpuls van onzelfzuchtigheid, en wat Hij worden kan voor de bewuste ontwikkeling van de menselijke ziel is de school der onzelfzuchtigheid.

Bron: Rudolf Steiner – GA 152 – Vorstufen zum Mysterium von Golgatha – Bazel, 1 juni 1914 (bladzijde 151-152)

Eerder geplaatst op 22 oktober 2017

2019.4.14-PCOC-Jesus-Said-Love-Your-Enemies-Lk-6_27-36-1030x579

Er zijn zo veel werelden als we organen hebben om ze waar te nemen

Er zijn zo veel werelden als we organen hebben om ze waar te nemen, oneindig veel werelden; we kunnen ze alleen nu nog niet waarnemen, omdat we nog geen organen daarvoor hebben. […] Voor ieder waarnemingsorgaan bestaat er een wereld. Nu zijn ze voor ons ondoorgrondelijk, maar ze zijn er: ze zijn waar we zelf zijn. Ons hoeven alleen maar de ogen daarvoor geopend te worden, want ze zijn midden onder ons.

De woorden van Christus: “Zoek niet naar het Rijk Gods, want het Rijk Gods is midden onder u”, is geheel letterlijk te nemen. Geheel in deze zin spreekt ook de geesteswetenschap van de geestelijke werelden. En altijd zijn er ingewijden geweest die de middelen en wegen kenden, om in deze rijken binnen te gaan. Alle religies spreken van hen. De geesteswetenschap is slechts het middel om deze fundamentele waarheid van alle religies weer te ontsluiten. Alles wat we hier om ons heen zien en waarnemen, is een gevolg en werking van wat er in de geestelijke werelden gebeurt. Alles wat zich op aarde manifesteert, is slechts een uitwerking (Duits: Ausgestaltung) van wat in de geestelijke werelden werkt en leeft.

Bron: Rudolf Steiner – GA 100 – Menschheitsentwickelung und Christus- Erkenntnis / Theosophie und Rosenkreuzertum – Kassel, 16 juni 1907 (bladzijde 24)

Eerder geplaatst op 31 juli 2017

Over de demon Sorat

We naderen nu de op handen zijnde periode van de derde 666 jaar: 1998. Aan het einde van deze eeuw komen we bij het punt waar Sorat weer uit de afgronden van de evolutie het sterkste zijn kop opsteken zal, waarbij hij de tegenstander van de verschijning van Christus zal zijn, die de daartoe voorbereide mensen al in de eerste helft van de twintigste eeuw zullen hebben doordat de etherische Christus zichtbaar wordt. Het zal enkel nog een twee derde aantal jaren van deze eeuw duren tot Sorat op machtige wijze zijn porem (Duits: Haupt) verheffen zal. […]

En nog voor het einde van deze eeuw zal hij zich doen blijken, doordat hij in talrijke mensen zal komen als het wezen van wie ze bezeten zijn. Men zal mensen voor de dag zien komen, van wie men niet zal kunnen geloven dat het werkelijk mensen zijn. Ze zullen zich ook uiterlijk op een eigenaardige wijze ontwikkelen. Ze zullen uiterlijk felle, sterke naturen zijn met woedende trekken, vernietigingszucht in hun emoties. Ze zullen een gelaat dragen waarin men uiterlijk een soort dierlijk gezicht zal zien. De Soratmensen zullen ook uiterlijk herkenbaar zijn, ze zullen op de vreselijkste manier niet alleen alles bespotten, maar ook alles bestrijden en in de afgrond storten willen, wat van spirituele aard is.

Bron: Rudolf Steiner – GA 346 – Vorträge und Kurse über christlich-religiöses Wirken – V – Apokalypse und Priesterwirken – Dornach, 12 september 1924 (bladzijde 122)

Portraits of Rudolf Steiner 0001

Eerder geplaatst op 15 juni 2017 (6 reacties)

Christus / Ahriman

Ik heb u er opmerkzaam op kunnen maken dat het een groots moment was voor de ontwikkeling van de wereld toen de gebeurtenis van Golgotha ​​plaatsvond. Toen verscheen de Christus in de wereld die de mens na de dood binnengaat. Ahrimans invloed in deze wereld was nog veel sterker dan in de wereld die hier op aarde tussen geboorte en dood te zien is. Vooral in de wereld tussen dood en nieuwe geboorte werkten de invloeden van Ahriman op de mensen met een vreselijk geweld en macht.

En als er niets anders was gebeurd, dan zou de mens tussen dood en geboorte in het schaduwrijk – zoals de oude Grieken het terecht noemden – langzamerhand verduisterd worden. Een oneindige vereenzaming en terugval in het menselijke egoïsme zou hebben plaatsgevonden in het leven tussen dood en wedergeboorte. En bij de reïncarnatie zou de mens zo in zijn leven worden geboren dat hij een grote, vreselijke egoïst zou zijn geworden. 

Het is dus meer dan louter beeldspraak dat na de gebeurtenis op Golgotha, op het moment dat op Golgotha het bloed uit de wonden ​​stroomde, Christus in de wereld aan gene zijde verscheen, in het koninkrijk der schaduwen, en Ahriman aan ketenen legde. Hoewel dan ook de invloed van Ahriman bleef bestaan, en in wezen de gehele materialistische denkwijze van de mensen op hem terug te voeren is, hoewel ook deze invloed alleen kan worden verlamd doordat de mensen de gebeurtenis van Golgotha ​​in zichzelf opnemen, toch is het deze gebeurtenis van waaruit de mensen de kracht halen om weer binnen te komen in de goddelijk-geestelijke wereld.

Bron: Rudolf Steiner – GA 107 – Geisteswissenschaftliche Menschenkunde – Berlijn, 1 januari 1909 (bladzijde 171)

Jezus-Christus.-De-Verlosser-van-de-mens_enkel

Zorgen

Zorgen mag de mens zich tot op zekere hoogte wel maken, maar bij het er bovenuitgaan treedt een verwelken, verdorren van de fysieke hersens op (Duits: aber über diesen hinaus tritt ein ein Verwelken, Verdorren des physischen Gehirns). De zorgen-gedachten graven sporen in het brein, die veroorzaken dat zulke gedachten steeds opnieuw gedacht moeten worden. Zo wordt het fysieke lichaam van de mens een hindernis voor zijn voortschrijdende ontwikkeling. De gelaatstrekken weerspiegelen deze sporen weer. Er bestaat een bepaalde astrale substantie, waarin de zorgen leven, en er zijn individualiteiten van hoge ontwikkeling, die deze zorgensubstantie op zich nemen. Dat zijn de Verlossers. De grootste Heiland, de grootste Man der Zorgen was Christus.

Bron: Rudolf Steiner – GA 266a – Aus den Inhalten der esoterischen Stunden – Band I: 1904 – 1909 – Berlijn, 11 november 1908 (bladzijde 432-433)

Matteus-11-28-Kom-tot-Mij-allen-die-vermoeid-en-belast-zijn-en-Ik-zal-rust-geven

Eerder geplaatst op 1 juni 2017  (4 reacties)