Niet gedachten, maar gevoelens verhinderen het inslapen

Als we diep nagedacht hebben, slapen we het gemakkelijkst in en als we niet in slaap kunnen komen, dan is het goed om een boek te nemen of ons met iets bezig te houden waarbij we ingespannen moeten nadenken, bijvoorbeeld een wiskundeboek, dat zal ons helpen om in te slapen; daarentegen niets wat onze diepere interesse heeft, zoals een roman waar veel in staat dat voor onszelf belang heeft. Hierbij komen onze emoties (Duits: Gemütsbewegungen)  op en onze emoties zijn het die ons verhinderen om in te slapen. Als we met een levendig bewogen gemoed in bed liggen, als we onze ziel met iets belast hebben, of als we een bijzondere vreugde in ons gemoed hebben, die nog niet is uitgeleefd, dan zullen we ons zeer vaak in ons bed omdraaien en niet in slaap kunnen komen. Terwijl de gedachten die niet met emoties gepaard gaan, ons vermoeien, zodat we gemakkelijk inslapen, verhindert juist datgene wat ons gemoed sterk beweegt het inslapen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 130 – Jeshu ben pandira – Leipzig, 4  november 1911 (bladzijde 107-108)

Eerder geplaatst op 29 december 2016

25 Keer hetzelfde boek

Als werkzame voorbereiding voor de oefeningen hebben we de studie van de antroposofische werken. Het is beter een boek vijfentwintig keer te hebben gelezen, dan vijf  boeken vijf maal; en wie een boek twee of drie keer gelezen heeft, mag zich niet inbeelden dat hij het boek überhaupt gelezen heeft. Als we op een bepaalde dag van het jaar het een of ander bij onze meditatie beleefd hebben, dan zullen we, als we intussen werkelijk gestudeerd hebben, op dezelfde dag na een jaar veel meer kunnen beleven. Het is goed om dezelfde oefening gedurende lange perioden te behouden, dat is veel beter dan het voortdurende afwisselen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 266b – Aus den Inhalten der esoterischen Stunden – Band II: 1910-1912 – Berlijn, 15 maart 1911 (bladzijde 159)

Eerder geplaatst op 8 januari 2014  (12 reacties)

Waarom moet ik dat leren, wat hij niet weet? 

Het is mij altijd een gruwel geweest als een leraar voor een klas staat, het boek in de hand heeft en uit het boek onderwijs geeft of als hij een schrift heeft, waarin hij genoteerd heeft wat hij vragen wil, en steeds hierin kijken moet. Zeker, het kind denkt niet meteen daaraan met zijn gewone bewustzijn; maar de kinderen zijn pienter in hun onderbewustzijn en men ziet, als men er oog voor heeft, dat zij in zichzelf zeggen: ‘Die weet het helemaal niet wat ik leren moet. Waarom moet ik dat leren, wat hij niet weet?’ Dat is altijd het oordeel in het onderbewustzijn bij kinderen, die uit een boek of schrift door een leraar worden onderwezen.

Men moet op zulke niet meetbare factoren, op zulke details in het onderwijs bijzonder veel acht slaan. Want zodra het onderbewustzijn van het kind merkt, de onderwijzer weet het zelf niet, hij moet eerst in zijn schrift kijken, dan vindt het kind het onnodig om het zelf te leren.

Bron: Rudolf Steiner – GA 311 – Die Kunst des Erziehens aus dem Erfassen der Menschenwesenheit – Torquai, 14 augustus 1924 (bladzijde 60,61)

Eerder geplaatst op 28 juli 2013

Niet gedachten, maar gevoelens verhinderen het inslapen

Als we diep nagedacht hebben, slapen we het gemakkelijkst in en als we niet in slaap kunnen komen, dan is het goed om een boek te nemen of ons met iets bezig te houden waarbij we ingespannen moeten nadenken, bijvoorbeeld een wiskundeboek, dat zal ons helpen om in te slapen; daarentegen niets wat onze diepere interesse heeft, zoals een roman waar veel in staat dat voor onszelf belang heeft. Hierbij komen onze emoties (Duits: Gemütsbewegungen)  op en het leven van onze emoties is iets wat ons verhindert om in te slapen. Als we met een levendig bewogen gemoed in bed liggen, als we onze ziel met iets belast hebben, of als we een bijzondere vreugde in ons gemoed hebben, die nog niet is uitgeleefd, dan zullen we ons zeer vaak in ons bed omdraaien en niet in slaap kunnen komen. Terwijl de gedachten die niet met emoties gepaard gaan, ons vermoeien, zodat we gemakkelijk inslapen, verhindert juist datgene wat ons gemoed sterk beweegt het inslapen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 130 – Jeshu ben pandira – Leipzig, 4  november 1911 (bladzijde 107-108)

Ik houd van Steiner, maar 25 keer hetzelfde boek van hem lezen, wordt mij te dol

Als werkzame voorbereiding voor de oefeningen hebben we de studie van de antroposofische werken. Het is beter een boek vijfentwintig keer te hebben gelezen, dan vijf  boeken vijf maal; en wie een boek twee of drie keer gelezen heeft, mag zich niet inbeelden dat hij het boek überhaupt gelezen heeft. Als we op een bepaalde dag van het jaar het een of ander bij onze meditatie beleefd hebben, dan zullen we, als we intussen werkelijk gestudeerd hebben, op dezelfde dag na een jaar veel meer kunnen beleven. Het is goed om dezelfde oefening gedurende lange perioden te behouden, dat is veel beter dan het voortdurende afwisselen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 266b – Aus den Inhalten der esoterischen Stunden Band II: 1910-1912 – Berlijn, 15. März 1911 (bladzijde 159)