Doden en levenden

Er is voor de overledene (Duits: Entkörperten) met betrekking tot degene, die nog op de aarde is, geen bewusteloosheid; hij kan zijn handel en wandel (Duits: Tun) zelfs volgen. Aardse, fysieke kleuren en vormen ziet de zich in het devachan bevindende gestorvene natuurlijk niet, aangezien hij geen fysieke organen meer heeft. Alles in de fysieke wereld heeft echter zijn geestelijk tegenbeeld in het geestgebied, en dat neemt de voorgegane overledene waar.

Bron: Rudolf Steiner – GA 109 – Das Prinzip der spirituellen Ökonomie im Zusammenhang mit Wiederverkörperungsfragen – Boedapest 7 juni 1909 (bladzijde 198)

Droom

Vannacht verscheen mij in een droomgezicht mijn oude moeder, 
eindelijk eens goed gekleed: 
boven het woud waarin zij met de Dood wandelde 
verhief zich een sprakeloze stilte. 
Ik was niet bang. Het scheen mij toe dat ze gelukkig was 
en uitgerust. 
Ze had kralen om die goed pasten bij haar jurk.

Gerard Reve

Gerard Reve (1923-2006) Foto Rineke Dijkstra

Ontstemming

Wij zouden menig mens in zijn dertigste, veertigste, vijftigste jaar beter kunnen begrijpen, zouden kunnen weten, waarom hij deze of die aanleg heeft, waarom hij zich in dit of dat opzicht (Duits: in dieser oder jener Beziehung) zo diep onvoldaan voelt, zonder dat hij kan zeggen wat deze ontstemming oproept, wanneer we het leven van zo’n mens tot in de kinderjaren terug zouden kunnen volgen. We zouden dan een inzicht verkrijgen, hoe ouders, hoe de overige omgeving op het kind gewerkt hebben, wat er opgewekt is aan vreugde en verdriet, aan lust en smart, wat misschien totaal vergeten is, maar aan de gehele stemming van de mens werkt. Want wat uit ons bewustzijn naar omlaag rolt en onderin golft in de verborgen diepten van het zielenleven, dat werkt daar beneden verder.

Bron: Rudolf Steiner – GA 143 – Erfahrungen des Übersinnlichen/Die drei Wege der Seele zu Christus – München 25 februari 1912 (bladzijde 79-80)

Hoor ik op Sempre een waldhoorn,

Of ook wel een Turkse trom,

Dan moet ik zo bitter wenen;

En — ik weet zelf niet waarom.

Vraagt een der werkende lieden:

‘Hoe kan een Turkse trom

Of een waldhoorn u zo roeren?’

Dan weet ik zelf niet waarom

Is ’t wijl in beetre dagen

Een vriend de Turkse trom

Niet onverdienstlijk bespeelde?

Ach, ik weet zelf niet waarom.

Piet Paaltjens

Sempre is de afkorting van Sempre Crescendo, het muziekgezelschap der Leidse studenten.

Decadentia, immorale, multi phyl ti corti rocci; influenza filmi i cinema bestiale

Antroposofie is er niet om louter aan onze nieuwsgierigheid te voldoen. Niet omdat wij met betrekking tot de bovenzinnelijke wereld enkel nieuwsgieriger zijn dan andere mensen, zitten wij hier samen, maar omdat wij in meerdere of mindere mate vermoeden, dat de mensen in de toekomst geheel niet zullen kunnen leven zonder de spirituele wetenschap. Alle andere aspiraties (Duits: Bestrebungen), die geen rekening houden met dit feit, gaan de decadentie tegemoet.

Bron: Rudolf Steiner – GA 143 – Erfahrungen des Übersinnlichen/Die drei Wege der Seele zu Christus – Zürich 3 februari 1912 (bladzijde 75)

P.S. De titel is een zin uit het gedicht De blijde boodschap van Gerard Reve.

Wat anders

Beste lezers en lezeressen,

Vandaag heb ik geen geschikt citaat van Steiner. Daarom heb ik voor eventuele belangstellenden een boekentip. Ik lees naast Steiner zo gemiddeld per week 1 ander “gewoon leesboek”. Zeer veel boeken lees ik niet uit, omdat ze me beginnen te vervelen, maar als men mij zou vragen: ‘Wat is het boeiendste boek dat je de laatste jaren hebt gelezen?’ dan hoef ik geen seconde na te denken. Dat is Een moord kost meer levens van Peter R. de Vries. Voor het gemak neem ik maar even een korte beschrijving van dit boek over van Bol.com.

‘Het is misschien wonderlijk, maar de arrestatie van mijn vader maakte weinig indruk op me. Ik kan me er daarom waarschijnlijk ook niet zo veel meer van herinneren. Het ging allemaal heel rustig: geen handboeien, getrokken pistolen of een deur die uit z’n hengsels werd getrapt, maar een aantal gewone mannen, die rustig op mijn vader af liepen. “Wij zijn van de Amsterdamse recherche en willen u graag even spreken.”‘

Paul Spruit was zestien jaar toen zijn vader in 1974 werd gearresteerd voor de geruchtmakende moorden op twee kinderen. Gerard Spruit, in de volksmond de Donald Duck-moordenaar genoemd (de man bracht tijdschriften rond in Amsterdam), bleek een ongelooflijk dubbelleven te hebben geleid. Zijn omgeving, zijn echtgenote incluis, wist niets van zijn pedofiele voorkeur en al helemaal niet van zijn misdaden. Hij werd veroordeeld tot twintig jaar cel en tbs.

Tien jaar later pleegde Paul in een geweldsuitbarsting een moord, waarna ook hij in de gevangenis terechtkwam. In dit boek vertelt Peter R. de Vries Paul Spruits aangrijpende levensverhaal.

‘Een uitstekend gedocumenteerd boek. Zulke verhalen moeten geschreven worden. Op de achterkant staat: ongelooflijk, huiveringwekkend en ontroerend, en daar is geen woord van gelogen.’ Rinus Ferdinandusse in Vrij Nederland

Reacties van lezers (bol.com):
‘Het verhaal slurpt je op vanaf werkelijk de allereerste bladzijde!’
‘Ik raad iedereen aan om niet te twijfelen, maar nu te kopen. Dit boek is een meesterwerk.’
‘Een aangrijpend verhaal en bovendien is dit boek niet weg te leggen, zo goed!’

Ik wilde dit boek hier op de blog uploaden, maar dat lukt me niet of misschien is het wel helemaal niet mogelijk.

Wie dit boek wil lezen, moet het maar even laten weten via CONTACT rechts op mijn blog. Dan stuur ik het als e-boek. Ik heb het zelf ook gratis gekregen.

Lang niet iedereen heeft een e-reader, maar men kan het ook gewoon op de computer lezen, al is het dan wat minder handig dan op een e-reader.

In de verre toekomst

De hoogste trap die de rozenkruiser kan bereiken, is de godzaligheid. Hier groeit de ingewijde samen met het gehele universum, hij beleeft het hoogtepunt van de menselijke evolutie, zoals die voor de mensheid in de verre toekomst bedoeld is.

Bron: Rudolf Steiner – GA 97 – Das christliche Mysterium – München 11 december 1906 (bladzijde 213)

Gerard Reve zou wel zeggen: Ik vind dit leven al geweldig en straks nog het eeuwig leven in de hemel, je vraagt je wel eens af: waar hebben wij het aan verdiend.

Kijk hieronder hoe Reve het gedicht De blijde boodschap, waarin die zin staat, voorleest op zijn eigen onnavolgbare, humoristische wijze.