Ruimte en Tijd

Wat in de tijd voorbijgegaan is, is feitelijk geestelijk niet voorbijgegaan. Dat is een voorstelling die men in het fysieke leven alleen in verband met de ruimte heeft. Als u hier voor een boom staat en dan wegloopt en later terugkijkt, dan verdwijnt de boom niet; hij is er nog steeds. Zo is het met de tijd in de geestelijke wereld. Wanneer u nu iets beleeft, dan is het weg voor het fysieke bewustzijn; geestelijk beschouwd is het niet weg. U kunt erop terugkijken zoals naar een boom. Het is zeer opmerkelijk dat Richard Wagner van deze zaak geweten heeft, zoals zijn woorden aantonen: Tot ruimte wordt hier de tijd.  

Dk300gXX0AEroUj

Bron: Rudolf Steiner – GA 182 – Der Tod als Lebenswandlung – Nürnberg, 10 februari 1918 (bladzijde 48)

Zie ook: Alles wat ruimtelijk beperkt is, zal zijn betekenis verliezen

Eerder geplaatst op 10 januari 2017  (2 reacties)

10 gedachtes over “Ruimte en Tijd

  1. Bertje

    Is de herinnering niet een onderdeel van de hersenen, Ik bedoel, iemand die dementeert die verliest het vermogen zich bewust nog te herinneren en leeft dan in een andere werkelijkheid?

    1. Haike

      Ik denk dezelfde werkelijkheid, alleen voor mensen die geen last van dementie hebben niet toegankelijk. En dat dat de reden is waarom je snel aan een andere werkelijkheid gaat denken.
      Steiner zegt ergens dat mensen die dementeren door eerder doorgemaakte incarnaties beginnen te zwerven. Ik weet helaas niet waar ik die informatie tot me heb genomen.

      Mijn moeder werd op 93 jarige leeftijd van de ene dag op de andere dag, plots, abrupt, verplaatst uit haar eigen woning naar een verzorgingstehuis.
      Het is een bekent fenomeen dat als je dat doet bij mensen (een hele plotselinge fysieke verplaatsing op een hogere leeftijd) ze in een delirium terecht kunnen komen, zo ook bij haar.

      Ze hoorde links achter haar het geluid van lachende en kletsende kinderen, en soms stonden ze ook voor haar. Het maakte haar niet bang of angstig ze vond het alleen lastig, omdat het soms overheersend was. Ze heeft 1x uitgesproken dat ze mij slecht verstond omdat die kinderen zoveel lawaai maakten.
      Toen ik aan haar vroeg of ze wel eens had geprobeerd contact te maken met die kinderen door ze te vragen wat ze wilden, heeft ze dat gedaan en het euvel werd daarna een stuk minder. Maar ze is nooit meer geheel uit dat delirium gekomen. Foto’s van haar kleinkinderen herkende ze niet meer. Kwamen ze haar fysiek bezoeken dan herkende ze, ze onmiddelijk.

    2. Haike

      O ja…

      Goethe was wetenschapper, de meeste mensen kennen hem alleen maar als Kunstenaar en Dichter. En hij was sterk bevriend met Schiller ook bekend van het schrijven van toneelstukken. Maar Schiller was ook Arts. En hij sprak uit tegen Goethe dat nog steeds niet in de hersenen de plek was / is gevonden waar het geheugen zit, waardoor je je zaken kan herinneren.
      Waarop Goethe boos werd, en zei dat dat ook nooit in de hersenen gevonden zou worden omdat de herinneringen opgeslagen worden in de diverse organen van de mens. Iets wat door Steiner beaamt wordt.

      Dat is ook de reden waarom kinderen op de Vrije School via klappen en stampen met de voeten de tafels leren. De nieuwe informatie komt wel binnen in de hersenen, maar wordt daarna door de fysieke beweging verplaatst naar de organen zodat er weer plaats is in de hersenen om nieuwe informatie op te nemen.

      Maar iemand die daar natuurlijk veel meer van weet dan ik is Pieter Witvliet wellicht staat daar iets over op zijn site..
      Je ziet het ook terug in de taal; vaak grappig bedoelt: ‘Dat slaan we er wel in’.. Of het kinderliedje van de dwaler: ‘Hij zwaaide met zijn hoed, hij stampte met zijn voet… kom laat ons nu dansen gaan…’

    3. henri

      Ja , dus de herinnering is een zielekracht die kan teruggaan tot vorige incarnaties ,maar deze kracht is niet genoeg ontwikkeld volgens Steiner.
      Het “voorstellen”is een innerlijk gebeuren net als de herinnering ,en beiden zijn in feite een ,waarnemen, , de eerste voorstelling gaat via de zintuigen ,zo nbinnen in de witte hersenen en dan naar de meer onbewuste en grijze hersenmassa alwaar de voorstellingen verdroomd worden en vrij vlug verdwijnen .
      Het is n9et zo dat deze eerste herinneringenwegzakken naar beneden ergens en men ze bovenhaalt . Het herinneren is eerder een tweede waarnemen van het vorige dat een indruk nagelaten heeft . En vooral belangrijk , denken en waarnemen geven eerst hun stempel in het etherlichaam en dn aain het fysieke lichaam door .

      1. henri

        Foutje : het is niet zo dat deze eerste herinneringen wegzakken naar beneden en men ze bovenhaalt .

      2. Haike

        Henri,

        Dan vraag ik me toch een beetje af wat jij onder wegzakkende herinneringen verstaat, want het is wel degelijk zo dat in de fysieke organen informatie wordt opgeslagen. Daar is Steiner toch wel duidelijk over, hij wijst ook op de situatie dat als de mens zijn fysieke lichaam heeft afgelegd, en het lichaam begraven is, en begint te ontbinden, al deze informatie vrij komt, en ook een onderdeel is van het terugkijk proces is tijdens het verblijf in het Kamaloka.

        Dichter bij huis zie je het fenomeen bij de donororganen; de gulle gever die een orgaan ter beschikking stelt aan een hulpbehoevende, die na ontvangst plots andere gewoontes aanneemt, en andere vocabulaire er op na houdt en een ander eetpatroon krijgt..

      3. henri

        Haike ,

        ….und es wallet und woget und brausst und zischt…

        Steiner gebruikt deze zin om te zeggen dat herinneringen niet uit laadjes van een kast komen die we naar beneden verplaatst hebben , als voorbeeld geeft hij wat jij al aanhaalde bij de springer of stamper hierboven , dat het er haast ingeklopt wordt met de vuist op het voorhoofd ,ook als men iets vanbuiten wil leren of zich iets wil herinneren slaan ook mensen op hun hoofd ….
        Die indrukken moet je eerder zien als iets dat is binnengekomen als een voorstelling en de hersenen zijn exact de organen die daarvoor dienen , maar die vervliegen snel , wat overblijft is een “indruk ” die bij het herinneren opnieuw waargenomen wordt zoals de eerste keer het geval was als het zich afspeelde , die kon zowel een innerlijke of uiterlijke waarneming zijn .
        Het etherische bewegen is belangrijk voor ‘ het erin slaan ‘ van het waargenomene , daarom meen ik ook dat wannneer Steiner gestoorde jongeren moest helen door therapie hij ze vaak liet lopen heen en weer en zinnen hardop laten zeggen zodat het er eherisch ingeramd word .
        En ook vertelt hij dat als we bijv bij iemand sterke ,gestes, zien optreden dat maar al te vaak het gevolg is van mensen die in hun vorige leven veel gegesticuleerd hebben bij het omgaan met hun omgeving door middel van denken en spreken .
        Het is uiteindelijk het Ik dat alles meeneemt naar de volgende levensfase na de door en de herinneringen worden natuurlijk ook mede genomen met de ziel , het denken,voelen en willen vertegenwoordigde in het oorbije leven en karma heeft vooral met het wllen te maken , want de geestkiem die na de dood meegnomen wordt is niets anders dan de ” wil”

      4. henri

        correctie laatste zin typfouten
        Het is uiteindelijk het Ik dat alles meeneemt naar de volgende levensfase na de dood en de herinneringen worden natuurlijk ook medegenomen met de ziel ,die het denken,voelen en willen vertegenwoordigde in het voorbije leven, en karma heeft vooral met het willen te maken , want de geestkiem die na de dood meegenomen wordt is niets anders dan de ” wil”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s