De waarde en onwaarde van kennis

Al deze begrippen die men zich eigen maakt uit de geesteswetenschap, zou men zich niet moeten eigen maken als een gewoon weten. Ik zou willen zeggen, hoewel dat wat paradoxaal gesproken is: Kennis is in het algemeen niet bijzonder waardevol. Pas dat is waardevol, wat wij door die kennis worden. Dat geldt ook voor het onderwijs. Dat we het kind aardrijkskunde leren, heeft uiterlijk een zeker belang, maar eigenlijk geen betekenis voor de ziel.

Uiterlijk heeft het het belang dat het kind later, als het van Dornach, laten we zeggen, naar Zürich reizen wil, niet Zürich met Bern verwart en dergelijke. Uiterlijk heeft het dus ook een zeker belang dat men aardrijkskunde leert. Maar een innerlijk belang heeft het, wat uit de ziel wordt, doordat de ziel aardrijkskunde leert. Men wordt in de ziel zo dat men zich kan oriënteren in de wereld. Men maakt uit de diepten, uit de wortels van de ziel bepaalde geestelijke krachten los, en op de losmaking (Duits: Loslösung) van deze geestelijke krachten komt het aan.

Bron: Rudolf Steiner – GA 191 – Soziales Verständnis aus geisteswissenschaftlicher Erkenntnis – Dornach, 5 oktober 1919 (bladzijde 63)

Eerder geplaatst op 1 februari 2017 

3 gedachtes over “De waarde en onwaarde van kennis

  1. Bernard

    Steiner zegt het op een ingewikkelde manier, maar naar mijn ervaring klopt het wel. Het dorre weten doet er niet zoveel toe; het innerlijk verbinden met je kennis, je als mens er door laten verrijken zodat je bewustzijn over de aarde zich verdiept, dáár gaat het om.

  2. @Bernhard

    ‘Men maakt uit de diepten, uit de wortels van de ziel bepaalde geestelijke krachten los, en op de losmaking (Duits: Loslösung) van deze geestelijke krachten komt het aan.’

    Juist de exacte uitleg door Dr.Steiner in dit voorbeeld
    spreekt mij aan.
    AHA er komen dus bepaalde geestelijke krachten vrij .

    En naast het uiterlijke belang van het opnemen van kennis is er ook een innerlijk belang.

    1. henri

      Met het innerlijke belang , is het innerlijk versterken van het denken bedoeld.
      De volledig ‘bezonnen wil’ moet aanwezig zijn bij de intensivering van de denkkrachten of aan het denken dat zich versterkt ,dit moet doortrokken worden van de volledig bewuste wil .
      De mens zal zich naast het ruimtelijke denken (ruimtelijk = van plaats naar plaats , di in de ruimtelijk gecreeërde tijd ) ook een geheel nieuw denken moeten eigen maken dat leeft in de werkelijke tijd .
      Het denken dat wij nu kennen is slechts een ruimtelijk denken dat uit de gewone uiterlijke zintuiglijke waarnemingen bestaat ,di eig maar zelfgecreerd ‘ denken met de klok ‘.

      R Steiner wijst er op dat men zich een nieuw denken dient eigen te maken moet waarbij men niet alleen begripsvorming aaneenrijgt ( di een combi,ere,d denken dat zogen fenomenen ‘Gebilde’ aneernijgt ; doch wel ook zogen. denken in ‘Gestaltes ‘ . Deze ‘Gestaltes ‘ zijn innerlijk samenhangende vormen zoals wij die bij plant ,dier en mens aantreffen . Het komt erop aan het denken ‘innerlijke beweeglijk’ te maken , en wordt het “Morfologische denken “genoemd .Dit denken laat de ene gestalte uit de andere voorkomen .
      En men kan dit verwerven door ‘meditatieve oefeningen’ te doen die Steiner aanwijst in zijn voordrachten en boeken.

      R steiner :
      ” Degene die tot zo’n organisch-morfologisch denken komt ,dat zich in zekere zin in een levend groeiproces zelf ontwikkelt , kan de resultaten van dit denken niet in de gewone herinnering bewaren . En ook de vrijheid kunnen we alleen maar karakteriseren, wanneer we tot zo’n ontwikkelend , groieend denken opstijgen . ”
      .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s