Over korte rokjes, korte broeken en blindedarmontsteking

In onze tijd praat men veel over het harden (Duits: Abhärtung). Bedenkt u eens hoe men de kinderen hardt. Tegenwoordig worden de kinderen al – vooral bij welgestelde mensen, maar de anderen komen ook al en doen het na -, zo gekleed: Terwijl wij in onze jeugd als kinderen gewone kousen aan hadden en geheel bedekt waren, hoogstens op blote voeten liepen, is het tegenwoordig zo dat de kleding hooguit tot de knie komt of nog minder lang.

Als de mensen wisten dat dit het grootste gevaar vormt voor latere blindedarmontstekingen, dan zouden ze zich bezinnen! Maar de mode werkt zo tiranniek dat zo’n gezindheid helemaal niet opkomt. Nu worden de kinderen zo aangekleed dat de jurken slechts tot aan de knieën of nog minder gaan, en het zal er nog van komen dat ze later alleen tot aan de buik zullen komen; dat zal ook nog mode worden. Dus de mode heeft een buitengewoon sterke invloed.

Bron: Rudolf Steiner – GA 354 – ÜBER WELT- UND MENSCHENENTSTEHUNG UND DEN GANG DER KULTURENTWICKELUNG DER MENSCHHEIT/ ERNÄHRUNGSFRAGEN – Dornach, 2 augustus 1924 (bladzijde 117-118)

Advertenties

17 gedachtes over “Over korte rokjes, korte broeken en blindedarmontsteking

  1. Petra Essink

    Beste Ridzerd,

    Ik geniet erg van de dagelijkse Steinertekstjes. Ik vermoed dat meer mensen hier plezier aan zouden kunnen beleven. Misschien is het een idee jouw website bekend te maken via Stroom? (uitgave van Antroposana) Een rubrieksadvertentie kost 1,50 per woord,

    Hartelijke groet en dank,

    Petra Essink

    1. Dank je voor de complimenten, Petra. Meer lezers zou natuurlijk altijd mooi zijn, maar ik denk dat zowat iedereen die er interesse voor heeft evengoed wel bij deze website terecht komt. Want als men bij Google Rudolf Steiner of Antroposofie intypt, dan stuit men er al vrij snel op. Ook via Facebook komen vrij velen er wel terecht. Dus eerlijk gezegd verwacht ik niet dat ik veel extra belangstellenden trek door een advertentie.
      Maar hartelijk dank voor je aanbod en je interesse voor mijn website.

  2. Los van modebeelden, je op een zonnige warme dag luchtjes kleden lijkt me niet verkeerd. Nu in deze wintertijd pak ik me goed in, trek ik sjaal, pet en handschoenen aan, maar als het weer zomer is loop ik graag in een t-shirt en een korte broek en sandalen. Even de melkflessen kleuren en genieten van de zon. Indien mogelijk op een leuk terrasje. Daar is toch niks mee.

    1. By the way, mijn blinde darm zit er nog steeds in.

      Maar ik begrijp wel wat Steiner bedoelt. Je luchtig (geniet taalkundig bezien de voorkeur boven ‘luchtjes’) kleden als het koud, tochtig enzovoort is, kan vragen om problemen zijn.

      1. En Steiner heeft hier bovendien over kinderen natuurlijk. Wat dat betreft moet ik persoonlijk denken aan een gevoelige huid vatbaar voor ‘verbranding’. Als kind kon ik zo rood worden als een kroot onder die koperen ploert (proest, hier in Nederland…). Schreef daar een keer over in mijn blogartikel: Manifestaties van het licht (Cahier, 30 september 2012).

        Nog ‘even’ en hij is er weer:

      2. O, mijn blindedarm is verwijderd toen ik 15 jaar was. Maar het was toen meen ik in de zomer, dus van de kou zal het wel niet gekomen zijn.

      3. Steiner neem ik altijd serieus. Altijd. Ook als ik kanttekeningen plaats. Wie mij nader kent of mijn blogartikelen lees, weet dat wel. En zijn humor kan ik zeker ook waarderen.

        Misschien doelt Steiner hier met name op belang van ‘getemperd’ vast- of nabij houden van eigen lichaamswarmte door uitgekiende kleding (wol en dergelijke) bij kinderen.

        Had Steiner wellicht ook opmerkingen over verwijderen van de blindedarm? Of dat wellicht veel minder een betekenisloze ingreep is als tegenwoordig vaak wordt aangenomen? I don’t know.

      4. Het enige wat ik mij herinner wel gelezen te hebben bij Steiner over de blindedarm is dat het een orgaan is, dat in vervlogen tijden wel een bepaalde functie had, maar nu niet meer. Het is als het ware een overblijfsel of restant. Rudimentair zogezegd

      5. Op bladzijde 91 (onderste alinea) en 92 (eerste alinea) van Steiners voordrachtenreeks Geesteswetenschap en geneeskunde (GA 312) staan opmerkingen van Steiner over het darmstelsel en de blindedarm in relatie tot de menselijke hersenen, een correspondentiebeginsel: onderpool en bovenpool. Daar zou wellicht uit kunnen worden opgemaakt dat het mogelijk de voorkeur verdient om de blindedarm, indien mogelijk, te behouden en het dus voor zo ver mogelijk, niet tot een infectie te laten komen. Maar goed, dit is slechts een overweging, een (werk)hypothese, van mijn kant. Het is in ieder geval wel de moeite waard om die tekstpassage in zijn geheel te lezen. (Überhaupt natuurlijk die gehele 4e voordracht uit GA 312.)

      6. De desbetreffende tekstpassage (en daar voor en na volgende teksten) kan worden gelezen via de bovenstaande snelkoppeling welke naar Googlebooks leidt. Hier die desbetreffende tekstpassage rechtstreeks in deze reactieruimte:

        Uit: Geesteswetenschap en geneeskunde (GA 312), bladzijde 91 (onderste alinea) en 92 (eerste alinea), Rudolf Steiner:

        “[…] In feite kunt u de simpele vraag opwerpen – en u weet hoe vaak die vraag gesteld wordt: waarom bestaat er eigenlijk zoiets als een blinde darm bij de mens, zoiets dat geen uitgang heeft? Wanneer die vraag gesteld wordt, let men gewoonlijk niet op het volgende: dat de mens zich werkelijk als een dualiteit openbaart, waarbij een orgaan dat in de onderpool ontstaat altijd correspondeert met iets wat in de bovenpool ontstaat; dat in de bovenpool bepaalde organen niet zouden kunnen ontstaan, als niet de organische parallellen, de tegenpolen daarvan, in de onderpool tot ontwikkeling zouden komen. En hoe meer de frontale hersenen in de loop van de evolutie de vorm aannemen die ze ten slotte bij de mens krijgen, des te meer ontwikkelt de darm zich tot een orgaan waarin de voedselresten worden opgeslagen. Er bestaat een nauwe samenhang tussen de bouw van de darmen en die van de hersenen, en als er in de loop van de evolutie geen dikke darm en geen blinde darm waren ontstaan, dan hadden er ten slotte ook geen denkende mensen in fysieke gedaante kunnen ontstaan. De mens heeft namelijk zijn hersenen, zijn denkorgaan, op kosten, werkelijk op kosten van zijn darmorganen. En de darmorganen zijn de getrouwe keerzijde van de hersenorganen. Om aan de ene kant, bij het denken, ontlast te zijn van fysieke inspanning, moet u aan de andere kant uw organisme belasten met datgene wat ingericht is voor die belasting, namelijk de tot ontwikkeling gekomen dikke darm en de blaas. Met andere woorden, de hoogste innerlijk-geestelijke activiteit die in de menselijke fysieke wereld voorkomt, voor zover die activiteit aan volledig ontwikkelde hersenen gebonden is, is tegelijkertijd gebonden aan de bijbehorende ontwikkeling van de darmen. Dit is een buitengewoon veelzeggend verband, een verband dat enorm veel licht werpt op het hele scheppende proces van de natuur. Want nu kunnen we zeggen, ook al klinkt het ietwat paradoxaal: waarom hebben de mensen eigenlijk een blinde darm? Omdat ze daardoor pas gewoon menselijk kunnen denken, zo kan ons antwoord luiden. Want wat in de blinde darm tot ontwikkeling komt, heeft zijn tegenpool in de menselijke hersenen. Alles wat zich aan de ene kant bevindt, correspondeert met iets aan de andere kant. […]”

      7. Inhoudelijke correctie bij een tekstdeel van mijn reactie van 12:53 uur. Zie het vetgedrukte.

        […] Daar zou wellicht uit kunnen worden opgemaakt dat het mogelijk de voorkeur verdient om de blindedarm, indien mogelijk in de kindertijd, te behouden en het dus raadzaam is om het in die periode, voor zo ver mogelijk, niet tot een ontsteking te laten komen. […]”

        Meestal liggen aan ontstekingen infecties ten grondslag, maar niet altijd.

      8. Laatste toevoeging: op grond van de vertaalde steinertekst, door Ridzerd aangeleverd, in combinatie gedacht met het naar voren gebrachte tekstdeel uit ‘Geesteswetenschap en geneeskunde’ (GA 312) in deze reactieruimte sluit ik niet uit dat Steiner eventueel (ook) bedoeld dat ontsteking aan en verwijdering van de blinde darm wellicht ook voor volwassenen, minder onschuldig is dan tegenwoordig dikwijls wordt aangenomen.

        Neem hierbij ook het volgende zinsdeel uit het steinercitaat van Rizerd in gedachten:

        “[…] Als de mensen wisten dat dit het grootste gevaar vormt voor latere blindedarmontstekingen, dan zouden ze zich bezinnen! […]”

        Aangezien de hersenen bij kinderen, pubers en adolescenten nog in groei zijn, lijkt me impact van verwijderen van de blinde darm op die leeftijd mogelijk überhaupt evident. Gesteld dat de Steiners bewering over een verregaande dualiteit tussen darmen en hersenen klopt.

  3. Cisca

    Individualiteit (IK, wezen of hoe je ’t ook kan, mag of wil benoemen…..) staat vrij los van de persoonlijkheid met zijn trekjes en/of tijdgebonden gewoonten.
    Mij stoort ’t absoluut niet dat Rudolf Steiner een mens onder de mensen was met zijn persoonlijke opvattingen.
    Dus John, ik kom je opzoeken als je vanwege je luchtige kleding neergeveld wordt!
    Cisca

    1. Oh mijn stoort het ook niet Ciska. Ik plaats een kanttekening. Niks mis mee en niks kwaads mee in de zin. En waarom zou je me alleen opzoeken als ik’ neergeveld’ zou worden? Schuif rustig bij me aan op een leuk terrasje, bijvoorbeeld bij de Oude haven, in Rotterdam. Gekleed zoals jij dat zelf wil. Cheers!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s