Honden hebben geen individuele ziel, maar papegaaien wel :-)

Onze tijd, dat heb ik gisteren benadrukt, heeft het in feite moeilijk met een oplossing van sociale problemen, en wel omdat overwegend antisociale impulsen in de huidige mensheid aanwezig zijn. Antisociale instincten zijn in de verhouding van mens tot mens aanwezig. Soms echter verhullen zich, verbergen zich de antisociale instincten ook. Ze verbergen zich bijvoorbeeld achter de nationale aspiraties, die zich op intensieve wijze over de aarde doen gelden. Met deze nationale aspiraties associeert men nog steeds iets, dat men nog altijd voor vanzelfsprekend ziet, terwijl het vanzelfsprekende voor de werkelijke ontwikkeling van de mensen in onze tijd erin bestaat, dat er in de meest beslissende zin een internationaal element moet beginnen. Alleen is daarover met de tegenwoordige mensen nog moeilijk te praten. Voor de andere naties zien alle mensen gewoonlijk wel in, dat het internationale zou moeten beginnen; alleen voor hun eigen land gewoonlijk niet. Als men tegenwoordig over deze dingen met de mensen wil praten, dan ontmoet men wat ik op een ander gebied eens vele jaren geleden in de antroposofische, toen theosofische vereniging, tegenkwam.

Ik had uit te leggen, dat dieren groepszielen hebben en dat, als de dieren sterven, ze over gaan in de groepszielen, dat ze niet een individuele reïncarnatie hebben. Toen antwoordde een dame, die een hond had, van wie ze veel hield: ‘Bij alle dieren kan dat het geval zijn, maar voor deze, haar hond geldt het niet, hij heeft zich al zo’n vastberaden individuele ziel eigengemaakt, dat hij een persoonlijke reïncarnatie zal ervaren.’ Het was zeer moeilijk vat op de dame te krijgen. Maar daarna, toen deze dame weg was en men nog wat samen zat, zei een andere dame, dat ze niet kon begrijpen hoe zo’n verstandige vrouw dat niet kan inzien, dat haar hond geen individuele ziel heeft; zij had het meteen begrepen! Maar haar papegaai, die heeft een individuele ziel! Dat is nu eenmaal een heel andere zaak! – Dit is een zeer leerzaam voorbeeld, hoe mensen oordelen als dingen worden aangeroerd die direct met hun eigen persoonlijkheid samenhangen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 190 – Vergangenheits- und Zukunfts impulse im sozialen Geschehen – Dornach, 22 maart 1919 (bladzijde 34-35)

Eerder geplaatst op 2 januari 2014

Advertenties

7 gedachtes over “Honden hebben geen individuele ziel, maar papegaaien wel :-)

  1. cisca

    Vreemd…..begin januari vorig jaar 35 reacties en nu nog niets.

    De eerste door ridzerd geplaatste alinea stort exact over ons uit waarmee we nu (en nog meer gaan) worstelen, namelijk het zien van de ontheemde en eenzame mens die door welke oorzaak dan ook in meer of mindere mate lijdt, in ieder geval in staat is te lijden en dit lijden kan beredeneren.
    Hij is uitgerust, naast zijn fysiek lichaam, etherisch lichaam en astraal lichaam, met een “ik” zodat hij zich bewust is van zijn lijden.
    In de tweede alinea staat het dier centraal dat niet de beschikking heeft over een ik, niet over zichzelf kan nadenken, maar het dier kan wel lijden.
    Hiermee wil ik zeggen – in de eerste plaats tegen mezelf – : we zijn juist in deze hectische tijd geincarneerd om ons zoveel als maar enigszins mogelijk is, bewust te zijn van een toenemende ik-sterkte en deze ontwikkeling in positieve zin gebruiken, ieder naar zijn mogelijkheden.
    Laten we goed de bedoelingen van die mens, die ons zo na aan ’t hart ligt, Rudolf Steiner, begrijpen en ook in de praktijk brengen.
    Cisca

  2. Leen Mees placht te zeggen, dieren zijn,wat mensen hebben. Dat het nu stiller is als bij de eerste plaatsing heeft er natuurlijk ook mee te makn dat mnsen zichzelf niet willen herhalen.

  3. Tja Cisca, Steiner kan het goed bedoeld hebben, maar Jen Dieng reageerde anderhalf jaar geleden toch met een citaat van Steiner, waar ik een aantal vraagtekens bij zet!!!
    jen dieng
    Nun müssen Sie die Worte, die ich jetzt spreche, nicht so nehmen, daß Sie gleich wieder mit einem Entweder-Oder darüber denken. Sie müssen sich klar bewußt sein, daß gewisse höhere Tiere, namentlich solche, die mit dem Menschen viel zusammenleben, wie die Haustiere, eine Art von Selbstbewußtsein haben, das schon dem des niedrigen wilden Menschen heute in einer gewissen Weise gleichkommt. Überall sind Gradunterschiede. Wir sprechen nicht von Übergängen, sondern von den Hauptsachen, wie sie sozusagen in mittleren Zuständen sind. Da finden wir beim Tier im allgemeinen hier auf dem physischen Plane nicht das Selbstbewußtsein. Wie ist nun dieses Selbstbewußtsein des Tieres? Sie erheben sich leicht zu einem Verständnis, wenn Sie sich fragen: Wo ist das Selbstbewußtsein jedes meiner Finger? – Da müssen Sie sich sagen: Ihr eigenes Bewußtsein ist das Selbstbewußtsein Ihres Fingers. Es ist nicht denkbar ohne Ihr gemeinsames Bewußtsein. In Ihrem Ich haben Ihre zehn Finger ihr gemeinschaftliches Bewußtsein, ihr gemeinschaftliches Ich, ebenso Ihre anderen Glieder. Das ist ihr Selbstbewußtsein.
    Dit citaat gevonden met betrekking tot onze huisdieren .GA98
    Ik zou dit citaat van Steiner willen verbinden met de toespraak van het opperhoofd van de zogenaamde “wilde mens”! Bij deze: Toespraak van Indiaans Opperhoofd Seattle
    Het grote opperhoofd in Washington heeft gesproken: hij wenst ons land te kopen.
    Het grote opperhoofd heeft ook woorden gesproken van vriendschap en vrede.
    Dat is zeer goed van hem omdat hij onze vriendschap niet nodig heeft.
    Maar we zullen over uw aanbod beraadslagen, want we weten dat als wij ons land niet verkopen de blanke man met zijn geweren komt en het in bezit neemt.
    Hoe kun je de lucht, de warmte van het land kopen of verkopen?
    Dat is voor ons moeilijk te bedenken.
    Als wij de prikkeling van het water niet kunnen bezitten, hoe kunt u het van ons kopen?
    Wij zullen hierover op onze tijd een beslissing nemen.
    Zoals het opperhoofd Seattle zegt:
    Het grote opperhoofd in Washington kan vast op ons rekenen, zoals onze blanke broeders kunnen rekenen op de terugkeer van de seizoenen.
    Mijn woorden zijn als sterren.
    Zij verdwijnen niet.
    Elk stuk van dit land is heilig voor mijn volk.
    Iedere spar, die glanst in de zon, elk zandstand, elke nevel in de donkere bossen, elke open plaats, elke zoemende bij is heilig in de gedachten en herinnering van mijn volk.
    Het sap, dat in de boom opstijgt, draagt de herinnering van de rode man.
    Een dode blanke man vergeet het land van zijn geboorte als hij zijn tocht naar de sterren begint.
    Onze daden vergeten dit prachtige land nooit: het is de moeder van de rode man.
    Wij zijn een deel van de aarde en de aarde is een deel van ons. De geurende bloemen zijn onze zusters, het rendier, het paard, de grote adelaars, onze broeders.
    De schuimkoppen in de rivier, het sap van de weidebloemen, het zweet van de pony en van de man – het is allemaal van hetzelfde geslacht, ons geslacht.
    Als dus het grote opperhoofd in Washington laat zeggen dat hij ons land wil kopen, vraagt hij wel veel van ons. Het grote opperhoofd laat zeggen dat hij voor ons een plaats zal reserveren waar wij rustig zullen kunnen leven. Hij zal onze vader zijn en wij zullen zijn kinderen zijn.

    Maar kan dat wel? God heeft uw volk lief. Maar zijn rode kinderen heeft hij verlaten.
    Hij zendt machines om de blanke man te helpen bij zijn werk en hij bouwt grote wigwams voor hem. Hij maakt uw volk dag na dag sterker. Weldra zult u het land overspoelen, zoals de rivier na een plotselinge regen zich door de kloof stort. Maar mijn volk en ik zijn het aflopend getij.
    Nee, wij zijn van een ander ras. Onze kinderen spelen niet samen met die van u en onze mannen vertellen andere verhalen.
    God begunstigt u en wij, wij zijn tot wezen geworden.

    Wij zullen uw aanbod ons land te kopen, dus overwegen. Maar het zal niet gemakkelijk zijn.
    Want dit is ons heilig. Wij beleven vreugde aan deze bossen. Ik weet het niet, maar onze wegen zijn anders dan de uwe. Dit glinsterend water dat stroomt in beken en rivieren is niet zomaar water. Het is het bloed van onze voorouders. Als wij het land verkopen moet u bedenken dat het gewijde grond is en u moet uw kinderen leren dat het heilig is. En dat elke vage weerspiegeling in het heldere water van het meer spreekt van gebeurtenissen uit het verleden van mijn volk.
    Het murmelend water is de stem van mijn vaders vader.
    De rivieren zijn onze broeders, zij lessen onze dorst. De rivieren dragen onze kano’s en voeden onze kinderen. Als wij ons land verkopen moet u bedenken en aan uw kinderen leren dat de rivieren onze broeders zijn. En ook úw broeders en dat u voortaan net zo vriendelijk moet zijn voor de rivieren als u voor uw broeders zou zijn.
    De rode man heeft zich altijd teruggetrokken voor de oprukkende blanke, zoals de nevels in heuvels vlucht voor de zon in de morgen. Maar de as van onze vaderen is heilig. Hun graven zijn gewijde grond.Wij weten dat de blanke man onze manier niet begrijpt. Voor hem is het ene stuk grond gelijk aan het andere.
    Hij is een vreemde, die in de nacht komt en van het land neemt wat hij nodig heeft.
    Hij behandelt zijn moeder, de aarde en zijn broeder, de lucht als koopwaar,
    die hij kan uitbuiten en weer verkopen als goedkope kralen.
    Zijn honger zal de aarde kaal vreten en slechts een woestijn achterlaten.
    Ik begrijp het niet. Onze wegen zijn anders dan de uwe. Het zien van uw steden doet pijn aan de ogen van de rode man.
    Maar misschien komt het omdat de rode man maar een wilde is die niets kan begrijpen.
    Er is geen plaats om uit te rusten in de steden van de blanke man.
    Geen plaats waar je het openspringen van de knoppen in het voorjaar kunt horen of het geruis van de vliegende vogels.
    Maar misschien komt het omdat ik een wilde ben en dom.
    Het lawaai schijnt alleen maar bestemd om de oren pijn te doen.
    En wat heeft het leven voor zin als een man niet meer de eenzame kreet van de nachtuil kan horen of het praten van de kikkers rond het meer in de avond?
    Ik ben maar een oude man en dom.
    De indiaan houdt van het zachte ruisen van de wind over het water, en de geur van de wind, gezuiverd door de middagregen of meedragend de geur van pijnbomen.
    De lucht is kostbaar voor de rode man, want alles deelt dezelfde lucht.
    De dieren, de bomen, de mensen, alles heeft deel aan dezelfde lucht.
    De blanke heeft geen aandacht voor de lucht die hij inademt. Als een man die al vele dagen stervende is, zo is hij gevoelloos voor kwade dampen.
    Maar als wij u ons land verkopen, dan moet u bedenken dat de lucht voor ons waardevol is, dat de lucht zijn adem meedeelt aan al het leven dat hen in stand houdt. De wind, die mijn grootvader zijn eerste ademtocht gaf, neemt ook zijn laatste zucht in ontvangst. En de wind moet ook onze kinderen de levensgeest geven.
    En als wij u ons land verkopen, moet u het wel afgezonderd houden, gewijde grond waar ook de blanke man kan komen om de wind te proeven met de geur van weidebloemen.
    Wij zullen dus uw aanbod ons land te kopen in overweging nemen. Als wij besluiten het aanbod aan te nemen wil ik éen voorwaarde stellen: de blanke man moet de dieren van dit land beschouwen als zijn broeders.
    Ik ben maar een wilde en ik begrijp het niet. Ik zag duizenden rottende buffels op de prairie, achtergelaten door de blanke man die ze neerschoot vanuit een rijdende trein.
    Ik ben maar een wilde, en ik kan niet begrijpen hoe het rokende ijzeren paard belangrijker kan zijn dan de buffel, die wij alleen maar doden om in leven te blijven.
    Wat is de mens zonder dieren? Als alle dieren weg zijn, zal de mens sterven aan een gevoel van grote eenzaamheid. Want wat er gebeurt met de dieren gebeurt spoedig met de mens. Alle dingen hangen samen.
    Wat er met de aarde gebeurt, gebeurt met de kinderen van de aarde.
    U moet uw kinderen leren dat de grond onder hun voeten de aarde van onze grootvaders is. Leer ze eerbied voor de aarde, vertel uw kinderen dat de aarde vervuld is van de levens van onze ouders: dat de aarde onze moeder is.
    Wat er gebeurt met de aarde, gebeurt met de kinderen van de aarde. Als een man op de grond spuwt, spuwt hij op zichzelf. Dit weten wij: Alles hangt samen als het bloed dat een familie verbindt. Alles hangt met alles samen.
    Wat er gebeurt met de aarde, gebeurt met de kinderen van de aarde.
    De mens heeft het web van het leven niet gewoven. Hij is slechts éen draad ervan. Wat hij met het web doet doet hij met zichzelf. Nee, dag en nacht kunnen niet samengaan
    Onze doden leven voort in de stille wateren van de aarde. Zij keren terug als de naderende voetstappen van de komende lengte. Het is hun geest, die als een rimpeling van de wind over het water van de meren loopt.
    Wij zullen overwegen waarom de blanke man het land wil kopen.
    Wat wil de blanke man dan kopen, zal mijn volk vragen. Het is zo moeilijk te begrijpen voor ons.
    Hoe kun je de lucht kopen of verkopen, de warmte van de aarde, de snelheid van de antiloop?
    Hoe kunnen wij die dingen aan u verkopen en hoe kunt u dat kopen?
    Is de aarde van u om ermee te doen naar goeddunken, alleen omdat de rode man een stuk papier tekent en het geeft aan de blanke man?
    Als wij zelf de prikkeling van de lucht en het kabbelen van het water niet kunnen bezitten, hoe kunt u het dan van kopen? Kunt u een buffel terugkopen, als de laatste al gedood is ?
    Maar wij zullen uw aanbod overwegen, want we weten dat als we niet verkopen, de blanke man met zijn geweren komt en ons het land met geweld ontneemt.
    Maar wij zijn slechts primitieven en de blanke man, no nog menend dat hij sterk is, denkt dat hij een god is, die de gehele aarde bezit. Hoe kan de mens zijn moeder bezitten?
    Maar uw aanbod ons land te kopen, zullen wij overwegen. Dag en nacht kunnen niet samen leven. Wij zullen uw aanbod overwegen om ons terug te trekken in het reservaat dat u voor mijn volk hebt bestemd.Wij zullen dan in afzondering leven, en in vrede.
    Het maakt niet veel uit waar wij de rest van onze dagen doorbrengen.
    Onze kinderen hebben hun vaders gezien, verslagen in de nederlaag.
    Onze krijgers hebben de schande gekend en na de nederlaag zijn hun dagen leeg geworden;
    Zij vergiftigen hun lichaam met zoet voedsel en sterke drank.
    Het maakt niet veel uit waar wij de rest van onze dagen doorbrengen.
    Nog een paar uur, nog een paar winters en geen enkel kind van de grote stammen die eens op de aarde hebben geleefd of die nu in kleine troepen door de bossen zwerven, zal meer over zijn om te treuren aan de graven van een volk, eens even machtig als uw volk.
    Maar waarom zou ik treuren over de ondergang van mijn volk? Stammen bestaan uit mensen. Meer niet. Mensen komen, mensen gaan, als de golven van de zee.
    En zelfs de blanke man, wiens god hem als een vriend behandelt, kan niet ontkomen aan ons aller lot.
    Maar misschien zullen we uiteindelijk allemaal broeders zijn. We zullen zien. Een ding weten we en de blanke man zal het eens ontdekken – onze god en uw god is dezelfde.
    U kunt nu wel denken dat u hem bezit, zoals u ons land wil bezitten, maar dat kunt u niet.
    Hij is de god van alle mensen en zijn hart klopt evenzeer voor de rode als voor de blanke man.
    Deze aarde is hem lief en beschadigen van de aarde, betekent zijn schepper beledigen.
    Ook de blanke man zal ten ondergaan, misschien nog eerder dan al de andere stammen.
    Bevuil uw legerstee en u zult bezwijken aan uw eigen vuil.
    Maar in uw ondergang zult u vurig branden, aangestoken door de macht van de god, die u naar dit land heeft gebracht en u de heerschappij heeft gegeven over dit land en over de rode man.
    Dat noodlottig einde is voor ons een mysterie, want wij begrijpen niet waarom de buffels zijn afgeslacht, de wilde paarden zijn getemd, waarom de verste hoeken van het woud stinken naar de lucht van vele mannen en het rijpe koren op de heuvels overdekt is met praatdraden.
    Waar is het struikgewas? Verdwenen! Waar is de adelaar ? Verdwenen!
    Wat betekent het, afscheid te nemen van de snelle pony en de jacht?
    Het einde van het leven en het begin van de ondergang.
    God gaf u heerschappij over de dieren, de bossen en met een bijzondere bedoeling ook over de rode man. Maar dat lot is een mysterie voor de rode man.
    Wij zouden misschien kunnen begrijpen als we wisten waar de blanke man van droomt.
    Van welke hoop en verwachting hij zijn kinderen vertelt in de lange winteravonden.
    Welke visioenen hij graveert in hun harten, zodat zij verlangend uitzien naar de dag van morgen.
    Maar wij zijn wilden. De dromen van de blanke man zijn ons verborgen.
    En omdat ze verborgen zijn, zullen wij onze eigen weg gaan.
    Want boven alles eerbiedigen wij het recht van elke man, te leven zoals hij wil, hoe ook verschillend van het leven van zijn broeder. Wij hebben weinig gemeen.
    Wij overwegen uw aanbod ons land te kopen. Als wij instemmen, zal dat zijn om het reservaat veilig te stellen dat u ons hebt beloofd. Daar zullen wij misschien onze weinige dagen nog doorbrengen, zoals wij dat willen.
    Als de laatste rode man zal zijn verdwenen van deze aarde, en als de herinnering aan hem nog slechts een schaduw is van een volk boven de prairie, dan zullen nog deze stranden en deze bossen bewoond worden door de geesten van mijn volk.
    Want zij hebben dit land lief, zoals de nieuwgeborene zijn moeders hartklop lief heeft.
    Een dingen weten wij: onze god is dezelfde als de uwe. Deze aarde is hem dierbaar.
    En ook de blanke man kan niet ontkomen aan ons aller lot.
    Misschien zullen wij tenslotte toch broeders zijn. Eens zullen we het zien.
    Historische gegevens
    Bij het ‘grote opperhoofd in Washington’ gaat het om Franklin Pierce die van 1853 tot 1857 president van de V.S. van Amerika was.
    De Dwamish waren een kleine stam in de buurt van de stad Seattle (staat Washington) die naar het opperhoofd van de Dwamish en Suquamish genoemd is. Hun eigenlijke verblijfplaats was oorspronkelijk bij het Washington-meer. Ze kregen in 1856 een reservaat aan de oostkant van Bainbridge-Island toegewezen. Later werden ze ‘verplaatst’ omdat hier geen visgronden aanwezig waren. De naam van de Dwamish was indertijd heel bekend. Hun bevolking zou rond 1789 samen met de Suquamish 1200 mensen geteld hebben. In 1856 waren er nog tussen de 64 en 312.
    Tegenwoordig herinnert alleen een riviertje en een kleine stad met die naam nog aan de Dwamish.
    Tja hoe verhoudt deze toespraak van het Indianen opperhoofd tot de intentie van Steiner in dit citaat? Ik las op de site Nieuwe broederschap deze reactie:
    Anoniem
    6 JULI 2015 AT 08:47
    Een klein verhaaltje:
    Een discipel verliet op een donkere nacht het huis van zijn meester. Hij was bang. De meester zei: ‘Wacht even, wees niet bang. Ik zal je een lantaarn meegeven.’
    Hij gaf hem een lantaarn. De discipel was heel gelukkig, hij kreeg wat meer vertrouwen. Toen hij de trap van het huis van zijn meester afdaalde, riep de meester hem terug en blies de kaars uit. De discipel zei;’ Wat? Wat hebt u gedaan?
    Het is een heel donkere nacht.’
    De meester zei:’Boeddha’s kunnen alleen maar de weg wijzen, maar jij moet alleen op reis gaan-en met je eigen licht. Wees een licht voor jezelf.’
    En maak je niet druk om nutteloze dingen- God, nirvana, moksha, de absolute waarheid, wie de wereld geschapen heeft, de hemel en de hel, of buitenaards leven—allemaal theorieën en nog eens theorieën . Allemaal woorden. Behoed je daarvoor.
    De werkelijkheid is hier en nu. Je loopt haar mis door je metafysische ideeën.!
    Met andere woorden: Als je, je niet via je zintuigen in het donker kan/durft voortbewegen, waarom zou dat via het kunstlicht of woorden wel kunnen of durven?
    Zet in het pikkedonker alle woorden/fantasiën aan de kant, zodat je onmiddellijk oog in oog met de werkelijkheid kunt komen te staan! Dat wil zeggen alles werkt in je lichaam behalve je ogen!
    In wezen is de mens een sociaal dier, maar wordt opgevoed tot een a-sociaal wezen, zelfs voor mijn gevoel door Steiner.
    Zo’n belezen en reiziger op aarde had toch dit citaat van het opperhoofd van Seatle tot zich genomen moeten hebben, alvorens hij verantwoordelijk over het bovenzinnelijke spreken kon. Blijkbaar dus niet!
    Ik heb desondanks toch een spreuk van Steiner op het graf van mijn zoon laten graveren, namelijk deze:”In stilte ontvangen het zuiverste licht, al het leven in liefde verbindend””.
    Op zoek naar de ware woorden van Steiner in deze spreuk, immers ik heb deze aangepast aan behoefte destijds, stuitte ik op mijn reactie op deze site, namelijk op: 06/12/2013 OM 03:29.
    Waarin juist jij Ciska, iets in je vocabulaire opneemt wat niet van toepasing is in het leven op aarde, tenminste zoals ik het zie! Woorden zijn in wezen levensvreemd, ze zoeken naar de bron des levens, terwijl de zoekende er de bron van is! Immers de Mens is het equivalent van God, hij zal zich nooit via het woord tot God kunnen richten, immers hij is het Woord zelf! En het Woord is vlees/leven geworden.En God scheidde het licht van de duisternis, om aan Godszijde te komen behoort de nacht weer bij de dag gevoegd te worden, de uil bij de havik, enz.
    De mens heeft zich een sluiproute gecreëerd er is geen dag of nacht meer, er is immers altijd licht! Niet een innerlijk maar een uiterlijk licht, het innerlijk licht is een sociaal licht, wat van de top van ’n berg, door licht, lucht en water in het dal een beginsel van leven veroorzaakt!
    Het Indianenopperhoofd heeft het over het innerlijk licht, Steiner creëerd voor mijn gevoel een eigen licht, in het kader wat vele Godsdiensten doen! In die zin zijn nationalisten even naiëf als religieuzen, ze gaan beide uit van een niet Goddelijke Geest, immers alles wat is, heeft God op aarde toegelaten, er was of is nog geen mens op aarde geweest, die dat hem kon aanrekenen.
    Dat kan ook niet want zelfs Steiner schreef zijn spreuk anders dan ik hem schreef! Steiner en ik bedoelen het goed, aan jou Ciska, om uit te zoeken hoe de spreuk werkelijk luidt?
    Tot zover
    Groetjes walter

  4. @Walter

    Ten eerste: Een wilde zie ik als iemand die in statu nascendie verkeert wat betreft het ik bewustzijn.
    Bijvoorbeeld iemand die denkt zijn medemens op te moeten eten om de kracht van zijn tegenstander te bezitten.

    Ten tweede: Het Indianen opperhoofd lijkt mij iemand met een verhoogt bewustzijn, hij spreekt voor een heel volk dat kan, dacht ik, met het Aartsengelbewustzijn.

    Ten derde: Zoekt en gij zult vinden. Appelen met peren vergelijken . Levert niets objectiefs op oftewel een vrije visie.
    De vergelijking door u gemaakt komt op mij over als opborrelende uit een vaag en onbestemd gevoel van weerstand. Weerstand waartegen ?, tegen wie?, tegen wat ? Of vergis ik mij nu heel verschrikkelijk.

    Groet Jen Dieng

  5. Mag ik nog even een ‘positief, gezellig’ babbeltje toevoegen.Ik was 16 jaar toen ik mijn eerste hondje uitkoos: een Petit Brabancon, later de variaties Griffon Bruxellois enGriffon Belges. Het ras weer bekendheid gegeven in Nederland. Jarenlang gefokt, tentoonstellingen geïmporteerd enz.Ook nog in het begin Kido een Japanse Spaniël. Ik had dierenarts willen worden, maar mijn leven kreeg een andere bestemming. Waarom vertel ik dit? Het is zo kostbaar in mijn leven geweest. dankbaar wat ik allemaal van ze geleerd heb over mijzelf. De laatste plusminus 25 jaar kon ik het door mijn werk enz. niet meer aan, en heb tot heden poezen. Balinees, Heilige Birmaan en nu Ragdoll. Honden hebben een baas poezen een slaaf. Dat was een omschakeling, dan merk je hoe dwingend en bazig je bent, want dat gaat bij een poes niet op, die regelt het zelf wel.
    Mijn Balinees stierf twee jaar geleden, een goddelijke schat, we hadden wederzijdse vriendschap. Hij heeft de regie van zijn sterven zelf in handen genomen. Ik heb hem daarin met eerbied gevolgd! Al met al, ik denk zeker dat wij veel bijdragen aan de hoge groepsgeest, hoe wij met respect en eerbied met dieren omgaan.
    En zo ook de gestorven dieren die weer teruggaan in de groep! Heb ze ook niet meteen begraven, maar nog ‘gewaakt’ Ze schenken niet alleen hun onvoorwaardelijke liefde, maar wat leren we veel over onszelf, hoe we als ‘baas’met ze omgaan! Liefde, eerbied en respect.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s