Bewustzijnsschemering en angsttoestanden na de dood

Het behouden van het bewustzijn na de dood hangt af van zeer bepaalde dingen voor de dood. Zo bijvoorbeeld verduistert het bewustzijn zich gemakkelijker bij een mens met een immorele zielsgesteldheid. Het belangrijkste is dus door de dood te gaan met morele krachten, want het morele bewustzijn houdt onze ziel open voor het licht van de hiërarchieën. Het was mij in de laatste tijd mogelijk mensen na de dood te onderzoeken met morele zielenhouding als ook met immorele zielenhouding, en het bleek daarbij steeds weer dat de mensen met een morele zielsinstelling na de dood een bewustzijn verkrijgen dat helder en duidelijk is; de mensen met een immorele zielsinstelling vervallen in een soort donkere bewustzijnsschemering.

Men kan nu weliswaar vragen: Wat schaadt dat, als de mensen na de dood in een soort bewustzijnsslaap komen? Dan hebben ze niets te lijden en vermijden zelfs de gevolgen van hun immoraliteit. – Dat kan men echter niet tegenwerpen om de reden dat deze verduistering van het bewustzijn gepaard gaat met ontzaglijke angsttoestanden, die zich als gevolg van de immoraliteit voordoen. Na de dood is er geen grotere angsttoestand als deze verduistering van het bewustzijn.

Bron: Rudolf Steiner – GA 140 – Okkulte Untersuchungen über das Leben zwischen Tod und neuer Geburt – Milaan, 26 oktober 1912 (bladzijde 14)

Eerder geplaatst op 26 juni 2013