Afval van het geloof

Men kan tegenwoordig in de oude, traditionele zin een religieus en vroom mens zijn, maar men leeft toch, dankzij (Duits: schon dank) de bestaande literatuur, van kranten tot boeken, en door het overige publieke leven, geheel in de geest van de moderne wetenschap.Daardoor kon het ook niet uitblijven dat, hoe sterk de vraag zich ook voordoet om het geloof te scheiden van de wetenschappelijke kennis, deze wetenschappelijke kennis op alle mogelijke gebieden optreedt als kritiek op het geloof, dat ze tot ontbinding en afval van dit geloven in talrijke mensen tegenwoordig al werkt en werken zal, als niet op deze gebieden een volledige ommekeer in geestelijke zin plaatsvindt.

Bron: Rudolf Steiner – GA 82 – Damit der Mensch ganz Mensch werde – Den Haag, 7 april 1922 (bladzijde 27)

Advertenties

11 gedachtes over “Afval van het geloof

  1. Iets afvallen, niet afslanken en geen garbish, maar hier bedoeld in de betekenis van afvalligheid. Ontrouw. Daarbij is natuurlijk belangrijk of iets nog wel geloofwaardig en eerbiedwaardig genoeg is om trouw aan te blijven, to stick to that, gezien de empirische, op ervaring gerichte instelling van moderne mensen. Steiner opteerde voor vereniging van (1) geest (geesteservaringen en geestesinzicht) en (2) wetenschap, uitmondend in geesteswetenschap en niet voor een aanhoudende scheiding van geloof en wetenschap, zoals je dat heden ten dage nog aan kunt treffen in (neo)kantiaanse mens- en wereldbeelden en wetenschapsopvattingen en het agnosticime.

    Vergelijkingsmateriaal, verwijzing naar Steiner voordrachtenreeks GA 1, Einleitingen zu Goethes Naturwissenschaftlichen Schriften – Zugleich eine Grundlegung der Geisteswissenschaft (Anthroposophie), opgenomen in noot 1, met betrekking tot commentaar van Steiner op Goethe’s aforisme 134 weergegeven met het blogbericht: Oorspronkelijke condities (Sprüche in Prosa, 28 maart 2015).

    In en rond antroposofische kringen wordt Steiners basisboek De Filosofie van de vrijheid (GA 4) meestal gezien als de ultieme opmaat naar kennismaken en bestuderen van antroposofie. Voor een aantal mensen mag dat gelden, maar dat blijft persoonlijk natuurlijk; daarin kun je niet generaliseren. Niet iedereen is (tevens) filosofisch aangelegd.

    En ik ben van opvatting dat de inhoud van GA 1 voor een aantal mensen ook een grandioze opmaat kan vormen voor nadere kennisname met antroposofie. Eigenlijk verbaast het me, doet me eigenlijk ook pijn, dat GA 1 niet net als GA 4 vertaald is naar het Nederlands.

    1. Relevant vergelijkingsmateriaal, een ander door Ridzerd naar het Nederlands vertaald steinercitaat: Een predikant zei: Deze leringen kunnen alleen voor een klein select groepje zijn (Steiner Citatensite, 2 december 2013).

      Het mag duidelijk zijn, zo zie ik het in ieder geval, dat de predikant in dit andere steinercitaat, toehoorders misleidt en manipuleert met de idee en probleemstelling van: (1) predestinatie (in dit geval voorbeschikt zijn voor kunnen opnemen van zekere kenniservaringen) versus (2) algemeen menselijke verstaanbaarheid en uitwisselbaarheid van kennis (van het kenbare; inclusief geestelijke en zielsmatige dimensies van werkelijkheid/werkelijkheden).

    2. Ja, ik had er niet zo bij stil gestaan, maar het woord ‘afvalligheid’ zou hier in dit citaat beter passen dan ‘afval’. Want bij ‘afval’ denken velen inderdaad aan ‘vuilnis’. Er zijn genoeg lieden, die alle geloof of geestelijke kennis als vuilnis van een stel halve gekken beschouwen.

      1. Ja inderdaad Ridzerd, die associatie kan zich voordoen. Maar goed, de context maakt snel duidelijk dat het hier niet om geestelijke of culturele vuilnis gaat.

    3. Let wel, voor de volledigheid: niet iedere antroposoof of antroposofisch georiënteerd mens is, (1) zoals reeds gezegd, filosofisch aangelegd, waarmee de inhoud van GA 4 voor hem/haar hoogst relevante studiestof zou vormen en/of, (2) bij dezen opgemerkt, (natuur)wetenschappelijk aangelegd, waarmee de inhoud van GA 4 voor hem/haar aan bijzondere betekenis zou winnen (Goetheaanse fenomenologie in relatie tot antroposofie).

      Dit terwijl (3) filosofische denkbeelden en (4) (natuur)wetenschappelijk opvattingen, onderzoeksresultaten en toepassingsmiddelen direct of indirect wel alle mensen doortrekken en beïnvloeden, inclusief de categorie van mensen omschreven in de bovenstaande alinea.

      En dan zij daar ook nog (5) gezond verstand, waarmee in beginsel antroposofie, geesteswetenschap, filosofie en (natuur)wetenschappen goed begrepen en heilzaam doorontwikkeld kunnen worden.

      Vergelijkingsmateriaal, onder andere Goethe’s aforisme 106: Kritiek van het mensenverstand (Sprüche in Prosa, 14 februari 2015) met bijbehorend commentaar van Steiner.

      1. Correctie typefout. In de eerste alinea van bovenstaande reactie sloop helaas een typefout. Bij het item ‘natuurwetenschappelijk aangelegd’ is natuurlijk GA 1 in het geding (en niet GA 4). Dus die eerste alinea luidt:

        Let wel, voor de volledigheid: niet iedere antroposoof of antroposofisch georiënteerd mens is, (1) zoals reeds gezegd, filosofisch aangelegd, waarmee de inhoud van GA 4 voor hem/haar hoogst relevante studiestof zou vormen en/of, (2) bij dezen opgemerkt, (natuur)wetenschappelijk aangelegd, waarmee de inhoud van GA 1 voor hem/haar aan bijzondere betekenis zou winnen (Goetheaanse fenomenologie in relatie tot antroposofie).

      2. ‘Het zintuigvrije denken of het reine denken als verbindingspunt tussen waarnemen en denken’.
        Daaraan denk ik dan, lezende in de Filosofie van de Vrijheid. Wat daarbij waargenomen wordt is niet hetgeen geworden is , maar het worden zelf. Men aanschouwt het worden van het vormen van begrippen en ideeën en dit door eigen productieve kracht.
        Zo kan het denken reeds vroeg geestelijk oplichten : ‘ het spreekt in mij ‘ fenomenologisch dus.
        Na de waarneming komt het denken als correctieproces – begripsvorming – nivellering-evenwicht in de tegenstellingen. Bewustzijn is nodig als aansporing tot het denken, dat een ‘ik’ – daad is.
        Hoe krijg je dat reine denken onder de knie?

      3. Interessante gedachten, Rita. Het reine, zintuigvrije denken is intiem van aard. Wat heeft het bij iemand tot inhoud en waarop is het gericht, en met welke doelstellingen(?) en onder welke omstandigheden, dat kan van mens tot mens verschillen.

    4. Ja, ik behoor ook tot degenen die De filosofie der vrijheid nooit helemaal heb kunnen lezen. Er staan weliswaar zeer interessante passages in, maar stel dat men alleen dat boek zou lezen en verder niets anders van Steiner, dan zou men weliswaar zeer helder en logisch hebben leren denken, maar van antroposofie weet men dan toch eigenlijk nog niets. Want er staat geen woord in over reïncarnatie en karma, over onsterfelijkheid van de ziel, over leven voor de geboorte, geestelijke wezens enzovoort.
      Wat mij echter wel altijd heeft aangesproken in dit boek is de klare, duidelijke taal die Steiner spreekt. Er staat totaal geen overbodige geleerdheid in.

      1. Ja daarom start menigeen primair gericht op antroposofie en antroposofische vraagstukken, dikwijls liever met een ander basiswerk van Steiner, Ridzerd, waarin het soort van onderwerpen die jij noemt uiteraard wel direct en expliciet aan de orde worden gesteld.

        Met gezond verstand (algemeen verstand), dat in principe of potentieel in elk mens huist, dat wil zeggen basisbestanddeel is van algemeen menselijke vermogens, en als zodanig leeft binnen alle lagen van de bevolking, kan men in beginsel ook zeer helder en logisch denken. Dat is dan een denken dat vooral is toegespitst op de praktijk van het leven op basis van praktisch denken.

        Vergelijkingsmateriaal 1, primaat gezond verstand (voorbeelden):
        1. Praktische ontwikkeling van het denken (voordracht van Rudolf Steiner)
        2. Aforisme 108: Praktijk en mensenverstand (Sprüche in Prosa, 16 februari 2015)
        3. Bij het aanbreken van het tijdperk van Michaël – Kerngedachten 78-84 van Rudolf Steiner, inclusief Steiners inleiding

        Vergelijkingsmateriaal 2, filosofisch en natuurwetenschappelijk denken en onderzoek, doordesemt met gezond verstand, althans intentioneel aan de slag met die doordeseming of dat altijd lukt en de mate waarin dat mogelijk lukt, is een andere kwestie (voorbeelden):
        1. Activiteiten van AViN studiegroep ‘Filosofie & Antroposofie’
        2. Dag van de Hogeschool voor Geesteswetenschap – Zaterdag 11 april 2015 te Amsterdam (toegankelijk voor leden van de vereniging en/of voor leden Vrije Hogeschool)

  2. Antwoord op dit vraagstuk heeft ARIE BOS gegeven met zijn boek: ‘Hoe de stof de geest kreeg’; Over hoe men de geest kan bewijzen door consequent de dingen eerlijk en integer wetenschappelijk te onderzoeken…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s