Kennis/Medegevoel/Preken

De weg van de hoogste kennis is tegelijk de weg van het hoogste mededogen. Door kennis en inzicht moet men tot medegevoel komen, niet door frasen. Allen die er vol medelijden omheen staan, kunnen bij een beenbreuk niet helpen, behalve de ene die weet wat hij moet doen en die het been op de juiste wijze zet. Als men alleen maar preekt, dan is het alsof men voor een kachel gaat staan en tot hem spreekt: Jouw plicht is het de kamer warm te maken. – Net zo is het als men tegen de mensen zegt, dat ze broederlijke liefde moeten oefenen. Zoals men in de kachel hout moet leggen en het moet aansteken, zo moet men de mensen datgene geven waardoor de zielen zich broederlijk verbinden, en dat is kennis.

Bron: Rudolf Steiner – GA 97 – Das christliche Mysterium – Wenen, 22 februari 1907 (bladzijde 245)

Eerder geplaatst op 20 juli 2012

Een gedachte over “Kennis/Medegevoel/Preken

  1. walterhebing

    In dit citaat verwoordt Steiner de bron vanwaaruit ik reflecteer op mijn leven, namelijk:”Ik heb mededogen met kinderen!”. Ik kan me namelijk niet voorstellen dat het gezond is, om kinderen, alvorens ze iets van de wereld om hen heen gezien en ervaren hebben, ze te overladen met sprookjes of religies!
    Ik ben nog steeds gefocust op de Oud-leerlingen spreuk van Steiner, waarin Steiner aangeeft dat de diepte van onze herinnering zijn kracht moet bewijzen wat de ziel vermocht te vinden in de kringen van het hart door het praktisch te begeleiden in de krachten van de dierbare levensscholing.
    In zekere zin zit in deze spreuk een paradox verscholen, immers als het hart al gevangen zit in in de prent die het in zijn dierbare jeugd ingeprent heeft gekregen, kun je het moeilijk praktisch begeleiden in de krachten van de krachten van de dierbare levensscholing.
    In mijn hart is ingeprent, de strijd op aarde is geen strijd tussen Vlees en Bloed, maar tussen Hemelse Gewesten! met andere woorden: De mens die leeft, is onderworpen aan Hemelse Gewesten!
    Jezus zelf is er een goed voorbeeld van, zijn geboorte in een vredige stal werd verstoord door de drie Wijzen, hij moest met zijn ouders vluchten voor zijn leven op aarde! Steiner zelf vluchtte uit de Theosofische beweging omdat het bestuur Jiddu Krishnamurti als reïncarnatie van de Messias wilde introduceren en stichtte zijn school. Met als uitgangspunt:
    “Antroposofie is een weg naar inzicht die het geestelijke in de mens met het geestelijke in de kosmos wil verbinden. Zij maakt zich in de mens kenbaar als een behoefte van het hart en van het gevoel. Zij moet haar rechtvaardiging vinden in het vermogen deze behoeften te bevredigen. Alleen diegene die in de antroposofie vindt waar hij vanuit zijn gemoed naar zoeken moet, kan haar waarde erkennen. Daarom kunnen antroposofen alleen mensen zijn die bepaalde vragen over het wezen van de mens en wereld even existentieel ervaren als zij honger en dorst ervaren.”
    De vraag die dan bij me oprijst: Is de geest van elk kind jonger dan zes dagen dan niet verbonden met de geest van de kosmos, zoals Jezus het verwoord?
    Waarom laten we aardse sprookjes(klanken) toe, om de kinderlijke geest in vervoering te brengen alvorens het Hart enige verbinding met met soortgenoten(dieren) heeft kunnen leggen? Anderzijds hoor ik mijn moeder vertellen over het feit dat ik geboren ben op aandringen van de pastoor van ons dorp, die wilde meer Geestverwanten. Terwijl mijn vader en mijn moeder het al moeilijk genoeg hadden in mijn geboortedorp als twee wezen, de een vroom Katholiek en de ander Heiden.
    Ik vind de eerste alinea van Steiners oud-leerlingen spreuk wel doeltreffend, namelijk:In de verte der levenswegen moet weerspiegelen,wat in het dierbare huis der jeugd, als zegel van het echte mensenwezen
    in het hart werd geprent!
    Inderdaad het zou moeten, maar niets van dit alles kan gestalte krijgen, als we kinderen niet als zegel van het echte mensenleven beschouwen, immers hun Geest is een androgyne geest, noch vrouwelijk of mannelijk, noch aards of kosmisch! Ze zijn voor zes dagen één met alles wat is! Binnen zes dagen “moeten” onze hersenen kiezen, tussen de linker en de rechter hersenhelft, de verbindingen ertussen branden door( teveel emotie, teveel ratio). Het kind zal zelf zijn eenheid op aarde moeten gaan zoeken, immers er is maar één Levensgeest. En dat is mededogen met alles wat leeft!
    Groetjes Walter Hebing.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s