Iets doen en iets niet doen – Over de tien geboden

In feite zijn de tien geboden toch nog de belangrijkste van onze wetten. De tien geboden zijn, als we er nader op ingaan, op een zeer bijzondere wijze opgebouwd. Van de tien zijn er slechts drie zo opgesteld, dat het wil zeggen: Je zult iets doen. – De andere zeven zijn zo opgesteld, dat men zegt: Je zult iets niet doen. Daaruit blijkt dat de wereldmachten veel meer noodzaak zien om de mensen morele wetten te geven, die zeggen: Je zult iets niet doen -, dan wetten die zeggen: Je zult iets doen. – Want wat geboden wordt niet te doen, verhoudt zich tot wat geboden wordt te doen, als zeven tot drie. We kunnen dus zeggen: De moraliteit moet in het algemeen in de menselijke natuur zo werken, dat zij in het bijzonder van het standpunt uitgaat te zeggen: Je zult iets niet doen.

Bron: Rudolf Steiner – GA 143 – Erfahrungen des Übersinnlichen Die drei Wege der Seele zu Christus – Zürich, 15 januari 1912  (bladzijde 45)

22 gedachtes over “Iets doen en iets niet doen – Over de tien geboden

  1. Leonie

    Begrijp ik het verkeerd?Dit vind ik nogal een moeilijke……soms doe je iets wat je in feite niet zou moeten doen maar …het is op dat moment noodzakelijk….laten we zeggen je verkeerd in levensgevaar en dan doe je iets wat je eigenlijk niet mag doen.Zo zijn er nog meer situaties.

  2. Dit is een interessant onderscheid: ‘Je moet zeven maal iets niet doen’ en drie maal ‘Je moet iets wel doen’. Ik schrijf ‘moet’, aangezien het wel om geboden gaat. Een gebod is een order, bevel, last, voorschrift, opgelegde verplichting, bevolen door een hoge autoriteit, in dit geval door God. Maar er staat niet dat het ‘moet’. Er staat ‘Gij zult’. In het Duits is er het onderscheid tussen ‘müssen’ en ‘sollen’. ‘Sollen’ betekent ons Nederlandse ‘moeten’ en ‘müssen’ betekent zoiets als dat ‘het eigenlijk zou moeten’ of ‘het zou zo moeten zijn’ (plus enkele andere nuances).
    Ik denk dat het in het Oude Testament inderdaad zou moeten worden opgevat als een morele wet, een morele verplichting die men dient na te leven. De interpretatie volgens het Nieuwe Testament lijkt mij meer situationeel bepaald. Zo van ‘Eigenlijk is het wel een algemene richtlijn, maar deze is wel afhankelijk van de situatie’. In het OT zijn de geboden algemeen van toepassing; in het NT is er meer de neiging de mens meer de vrijheid te geven zelf te kiezen, waarbij er wel wordt gewezen op de consequenties van de keuzes.
    Prof. Cees Zwart, indertijd medewerker van prof. Bernard Lievegoed noemde dit het onderscheid tussen de gebodsethiek van het OT en de situatie-ethiek van het NT. Er staat wel dat je niet mag stelen, maar – zoals de Rooms-katholieke bisschop indertijd al zei – ‘Over een arme die een brood steelt, zal ik niet vallen’.
    Er is ook een andere indeling van de tien geboden mogelijk. Wikipedia: Men verdeelt de woorden soms als 1 + 3 + 3 + 3: één afgezonderd (heilig) woord, drie met betrekking tot de relatie tussen mens en God, drie met betrekking tot de verhouding tot de naaste en drie met betrekking tot het innerlijk van de mens.

  3. Wat denken jullie eigenlijk veel. Eerlijk gezegd denk ik er niet veel over na. Ik vind het alleen wel een mooie gedachte, dat men als men niet zo veel doet en niet veel presteert, dus eigenlijk niet veel goeds doet, toch in zekere zin een goed mens kan zijn door de dingen die men NIET doet.

  4. Het gaat dan natuurlijk wel om speciale ‘dingen’ die je NIET doet, bijvoorbeeld zoals die in de tien geboden staan vermeld. Nalatigheid is in bepaalde gevallen juist één van de zeven hoofdzonden.

    1. Maar nalatig zijn we in feite in meerdere of mindere mate allemaal. Juist doordat men beseft dat men toch eigenlijk tekort schiet in het doen van goede dingen, kan men in ieder geval proberen slechte dingen niet te doen.

  5. Haike

    Verder zijn er verschillen, deze pagina laat dat zien; vhttp://nl.wikipedia.org/wiki/Tien_geboden. Waarbij mij opvalt dat in de joodse serie er staat: “Gij zult niet moorden” In de katholieke versie staat: “Gij zult niet doden” Dat is dus niet hetzelfde.

  6. @Haike
    Wat mij op die pagina ook opviel was het volgende in de oorspronkelijke tekst: ‘Zet uw zinnen niet op het huis van een ander, en evenmin op zijn vrouw, op zijn slaaf, zijn slavin, zijn rund of zijn ezel, of wat hem ook maar toebehoort.’
    Waren de tien geboden in die tijd dan slechts bedoeld voor de mannen en niet voor ook de vrouwen?

    1. Dat zou best eens kunnen. Mannen zijn crimineler dan vrouwen. 90 % van wat er in de gevangenissen zit zijn mannen. Dat komt omdat vrouwen altijd verwachten dat mannen voor de poen zorgen.;-)
      Achter een geslaagde man staat een vrouw, zegt het spreekwoord, maar achter een criminele man staat ook een vrouw.

    2. Haike

      Dat zou ik niet weten Frans, zo’n bijbelkenner ben ik niet. Zelf had ik dat onderscheid nog helemaal niet opgemerkt. Maar misschien moet het nog genuanceerder. Want op het gebod va doden/moorden kun je er niet uit halen of dat voor een specifieke groep is bedoelt.

      Ik wist helemaal niet dat er een onderscheidt was tussen de joodse en de katholieke tien geboden. Daar kwam ik vandaag pas achter. Als de bron dezelfde is, is er daarna dus een andere interpretatie op los gelaten…

  7. Ik heb 9 verschillende Bijbelvertalingen bekeken op mijn veronderstelling van de eenzijdige gerichtheid op de man.
    • De door mij gebruikte vertaling hierboven is de Nieuwe Bijbelvertaling 2004: ‘Zet uw zinnen niet op het huis van een ander, en evenmin op zijn vrouw, op zijn slaaf, zijn slavin, zijn rund of zijn ezel, of wat hem ook maar toebehoort.’ Hierin staat ‘hem’.
    • Ook in een stuk of drie andere vertalingen komt ‘hem’ voor.
    • Voor de overige vertalingen wordt ‘uw naaste’ gebruikt.
    • Verder wordt uit de gehele strekking van het gebod duidelijk dat de formulering niet algemeen menselijk is, man en vrouw.
    • Afgezien van het gebod ‘Gij zult niet doden’ heb ik de overige geboden niet vergeleken in de vele verschillende vertalingen. Het woord ‘doden’ komt vaak voor, evenals doodslaan. Merkwaardig is dat het begrip ‘moord’ pas gebruikt wordt in de Groot Nieuws Bijbel 1996 en De Nieuwe Bijbelvertaling 2004. ‘Doden’ en ‘een moord begaan of plegen’ zijn niet identiek, begripsmatig niet en juridisch niet. Hetzelfde zie je met het woord ‘kill’ in oudere Engelse vertalingen en ‘murder’ in de nieuwere. Luther schrijft ook ‘Du solt nicht tödten’.
    Verondersteld mag worden dat het gaat om het doden (of vermoorden) van een andere mens. Niet van een dier, maar dat wordt open gelaten.

  8. Haike

    Steiner zegt dat als iemand zich als een tiran gedraagt, een ander werkelijk tiranniseert, haar of zijn leven onmogelijk maakt, dan mag je diegene terug sturen. In het belang van de persoon zelf, en natuurlijk zijn slachtoffers. Dat betekent dat je iemand (legaal) kan doden.
    Moorden is natuurlijk daar niet mee vergelijkbaar. Vanuit dat gezichtspunt vind ik het gebod: “Gij zult niet moorden” beter en overtuigender klinken/overkomen, dan: “Gij zult niet doden”

    1. Dat Steiner dit gezegd heeft, is volkomen nieuw voor mij, maar men valt bij de antroposofie wel vaker van de ene in de andere verbazing. Weet je toevallig ook in welk boek of voordracht hij dit zegt?

      1. Haike

        Ik niet. Daar het joodse geloof toch ouder is dan de katholieke kerk. En als al in die versie staat “Gij zult niet moorden” kun je niet zeggen dat dit een modernere vertaling/zienswijze is die tegenwoordig meer aanslaat.

        Misschien is de oorspronkelijke tekst daarna wel verlaten, en wordt er nu weer wat meer teruggekeerd naar de oorspronkelijke. Verder deed Steiner die uitspraak in zijn huidige incarnatie, ik denk dat zijn bewustzijn vele malen verder was dan ons huidige, en hij daarmee niet verwees naar de door jou genoemde cultuurperiode.

        @ Ridzerd die uitspraak is mondeling tot mij gekomen toen ik destijds de derde opleiding Driegeleding volgde, ik weet dus niet waar het staat.

    2. Ik denk dat als de tien geboden in het Oudindische tijdperk of in het Oudperzische tijdperk aan de mensheid waren gegeven deze in geheel andere bewoordingen waren ‘uitgesproken’. In een meer beeldende taal dan in de taal die is gebruikt voor de mensen in het Egyptisch-Chaldeeuwse tijdperk. Rudolf Steiner zegt daar o.a. over dat de mensen in die tijd zich ervan bewust zouden moeten worden dat zij niet alleen zelf een ik-wezen zijn maar dat andere mensen ook ik-wezens zijn. Daarop werkten de tien geboden in:
      ‘‘Und nun kommen die Gebote, welche das Ich selbständig dem Ich des anderen gegenüberstellen, und welche in diesem Sinne die Tatsachenwelt, das soziale Leben regeln sollen. Sie sagen eigentlich dasselbe, was Paulus sagt, und was das Bibelwort umschreibt: Liebe deinen Nächsten wie dich selbst (Gal. 5, 14). – Sieh in dem anderen Menschen ebenso ein Ich wie in dir. – Als eine besondere Sendung hat dieses althebräische Volk den Impuls erhalten, das Göttliche bis in das in der Menschenseele webende Ich hinein zu verfolgen. Deshalb mußte dieses Volk die Gebote erhalten, die nicht nur die Bewahrung des eigenen Ich, sondern auch die Achtung und die Bewahrung des Ich des anderen vorschreiben.
      Fünftes Gebot: Morde nicht.
      Sechstes Gebot: Brich nicht die Ehe.
      Siebentes Gebot: Stiehl nicht.
      Als drei Gebote auseinandergelegt das eine Gebot: Sieh in deinem Nebenmenschen ebenso ein Ich wie in dir selbst! – Damit war in der Tat das jüdische Volk geistig aus dem Lande
      Ägypten geführt, dadurch, daß das Ich auch erkannt werden soll im anderen Menschen durch die Wertschätzung des anderen Ich, denn im Agypterlande wirkte man nicht, indem man das Ich des anderen respektierte, sondern indem man dieses Ich durch Suggestion unterdrückte’.

      Bron: Die Beantwortung von Welt- und Lebensfragen durch Anthroposophie GA 108
      Einundzwanzig Vorträge, gehalten zwischen dem 14. März 1908 und 21. November 1909
      in verschiedenen Städten
      DIE ZEHN GEBOTE
      Stuttgart, 14. Dezember 1908

  9. @Haike
    Ik kan me in deze tijd van de ontwikkeling van de bewustzijnsziel wel voorstellen dat je het ‘Gij zult niet moorden’ beter en overtuigender vind klinken dan ‘Gij zult niet doden. Wellicht is dat ook de reden waarom in de ‘jongere’ vertalingen ‘moorden’ wordt gebruikt: ‘Het opzettelijk en volgens plan (met voorbedachten rade) iemand van het leven beroven’.
    Men schat in dat Mozes omstreeks 1400 jaar v. Chr. leefde. Dat was tijdens het Egyptische-Chaldeeuwse tijdvak (2907 v. Chr. tot 747 v. Chr. Men kan veronderstellen dat in die tijd het bewustzijn van de mensen een geheel ander karakter had. Rudolf Steiner noemt deze periode de periode van de ontwikkeling van de gewaarwordingsziel.
    Ik denk dat het niet juist zou zijn om ons huidige bewustzijn te projecteren op die cultuurperiode. Met andere woorden: ik schat daarom in dat de vertaling ‘doden’ beter bij die tijd past, dan ‘moorden’.

  10. Fred van der Vleuten

    Beste mensen,

    heel interessant deze bijdragen over de tien geboden, vooral het besef dat het eigenlijk tien ‘aanbevelingen’ zijn om de weg naar de ‘geest’ te vinden. In die zin zijn deze tien ‘adviezen’ nauw verwant met de innerlijke weg die een mens kan gaan. Als ik de tien geboden betrek op de buitenwereld, dan oefen ik aan innerlijke vermogens, ik oefen een aantal deugden.
    Deze innerlijke vermogens komen dan beschikbaar om innerlijk de weg naar de geestelijke wereld te vinden. Iedereen gaat die weg min of meer, onbewust of juist heel welbewust. Dit sluit heel direct aan bij het thema ‘Michaël’ waar ik zelf nu mee bezig ben (maar dat is weer een andere invalshoek).
    Kortom ‘maak van je hart geen moordkuil’!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s