Eten in de toekomst

In de verre toekomst zal de mens op een hogere, spirituele trap iets hebben, wat het dier op een lagere trap heeft, als het over de weide loopt en de planten, die juist voor hem goed zijn, plukt en de andere laat staan. Een onbewust instinct, dat wil zeggen in werkelijkheid hogere geesten, leiden het dier. Op bewuste wijze zal de mens in de toekomst de planten nemen die goed voor hem zijn; niet zoals tegenwoordig waarbij hij nadenkt wat de beste substantie voor zijn lichaam is, maar een levendige verhouding zal hij hebben tot elke afzonderlijke plant, want hij zal weten dat wat de planten hebben geabsorbeerd ook als zodanig in hem overgaat. Het eten zal niet een nederige bezigheid zijn voor hem, maar iets wat met ziel en geest gedaan wordt, omdat hij zal weten dat alles wat hij eet de uiterlijke vorm van ein Seelisches (Hoe in jezusnaam dit te vertalen? Men kan er moeilijk iets zieligs van maken.)  is.

Bron: Rudolf Steiner – GA 105 – Welt, Erde und Mensch – Stuttgart 6 augustus 1908 (bladzijde 58)